De rechten van kinderen en jongeren

Nationale agentschappen voor ondersteuning, bescherming en begeleiding

Landen die het Verdrag inzake de Rechten van het Kind hebben goedgekeurd, hebben zich ertoe verbonden hun wetten in verband met kinderen en adolescenten te herzien en hun sociale diensten, wettelijke, onderwijs- en gezondheidssystemen door te lichten opdat ze de verdragsverplichtingen zo volledig mogelijk nakomen.

In bepaalde gevallen leidde dat tot wetswijzigingen of het tot stand brengen van nieuwe wetten. Het verdrag bepaalt verder dat de nationale wetgeving voorrang heeft als die in een hogere graad van bescherming voorziet:
“De staten die partij zijn, nemen alle nodige wettelijke, bestuurlijke en andere maatregelen om de in dit verdrag erkende rechten te verwezenlijken. Ten aanzien van economische, sociale en culturele rechten nemen de staten die partij zijn deze maatregelen in de ruimste mate waarin de hun ter beschikking staande middelen zulks toelaten en, indien nodig, in het kader van internationale samenwerking.” (Artikel 4 van het Verdrag inzake de Rechten van het Kind)

Overheden hebben de volgende maatregelen genomen om het verdrag op nationaal niveau te implementeren:

  • Een ruime nationale agenda.
  • Vaste instellingen of mechanismen om de coördinatie van alle sectoren van de overheid te bevorderen.
  • Stappen ondernemen om te verzekeren dat alle wetgeving volledig in overeenstemming is met het verdrag door het te verwerken in het nationale rechtssysteem of door te verzekeren dat de principes van het verdrag voorrang hebben in geval van conflict met de nationale wetgeving.
  • Ramingen over de impact op kinderen om te verzekeren dat er rekening wordt gehouden met kinderen bij het maken van planning en beleidsbeslissingen.
  • Analyse van overheidsuitgaven om te bepalen hoeveel geld aan kinderen wordt uitgegeven en of die middelen nuttig aangewend worden.
  • Verzameling van gegevens.
  • Publieke aandacht voor het verdrag en verspreiding van informatie over het verdrag.
  • De burgersamenleving betrekken bij de implementering en promotie van kinderrechten.
  • Oprichting onafhankelijke statutaire organen – ombudsdiensten, commissies of andere instellingen – om kinderrechten te promoten en beschermen.

De vooruitgang van specifieke landen bij de implementatie van het verdrag kan gevolgd worden in de rapporten aan de Commissie voor de Rechten van het Kind.

Er werden twee wereldconferenties gehouden om overheden te helpen bij het opstellen van een actieplan voor de praktische toepassing van het verdrag. De eerste vond plaats in 1989, vlak na de creatie van het verdrag. De tweede dateert van mei 2002.

De oorspronkelijke (Engelstalige) versie van deze tekst werd samengesteld door Asmita Naik. De tekst werd vertaald door Caroline Zenner en afgewerkt door Leen Gys.
Copyright © Human Rights Education Associates (HREA), 2003. Alle rechten voorbehouden.
De vertaling naar het Nederlands werd door Human Rights Education Associates aan VORMEN toegestaan.