(indien onleesbaar, klik hier: www.vormen.org/educatie/nieuwsbrief/Nieuwsbrief-6-7.html)

NIEUWSBRIEF MENSENRECHTENEDUCATIE

Een mensenrechtenklimaat op school

Jaargang 6, nummer 7 (22 september 2006)
Op onze site vind je de nieuwsbrieven terug
op
www.vormen.org/educatie/Nieuwsbrief.html.
Uitgegeven door VORMEN vzw
(Vlaamse Organisatie voor Mensenrechteneducatie)
Voor leerkrachten en andere onderwijsbetrokkenen

Inhoudstafel

1. Sport en mensenrechten

2. Kinderen, jongeren en mensenrechten

3. Materialen in de kijker: a) RECHTvaardig, menswaardig (herwerkt); b) Video 'Kom NU op'

4. Familiekwesties. Een stellingenspel. (lager onderwijs)

5. Werken rond thema 'Beeldvorming'

6. Projecten: Water

7. Een mensenrechtenklimaat op school

8. Ons educatief materiaal: een overzicht

9. Aankondigingen
a) Vormingscyclus ‘Kinderrechten voor de praktijk”. Thema: Kinderrechten en ouderlijke verantwoordelijkheid
b) International Interdisciplinary Course on Children's Rights. Gent Novotel, 27 november – 2 december 2006
c) Seminaries van de Auschwitz Stichting; cyclus 2006-2007

Colofon & abonneren


top

1. Sport en mensenrechten (uit: Kompas)

Is sport een mensenrecht? Strikt genomen is het antwoord nee. Geen van de mensen-rechtenverklaringen of -verdragen bevat specifieke bepalingen die het mensenrecht op de beoefening van of de toegang tot sport beschrijven. Sport kan echter wel gezien worden als een essentieel onderdeel van het recht op onderwijs en cultuur.

Het recht op onderwijs staat in artikel 26 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en in artikel 13 van het Internationale Verdrag over Economische, Sociale en Culturele Rechten. Het luidt: “… dat het onderwijs gericht dient te zijn op de volledige ontplooiing van de menselijke persoonlijkheid en van het besef van haar waardigheid en dat het dient bij te dragen tot de eerbied voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden”. Via sport ontwikkelen mensen zich fysiek en intellectueel. Deelname in sport verhoogt het zelfvertrouwen, het schept kansen tot zelfverwezenlijking en tot respect vanwege anderen. Dat geldt in het bijzonder voor personen met een handicap via evenementen zoals de paralympics.
Wat kinderen betreft, het Verdrag inzake de Rechten van het Kind onderstreept dat het onderwijs van het kind gericht moet zijn op “…de zo volledig mogelijke ontplooiing van de persoonlijkheid, talenten en geestelijke en lichamelijke vermogens van het kind” en artikel 31 verwijst naar het recht op rust en ontspanning, op deelname aan spel en recreatieve activiteiten aangepast aan de leeftijd van het kind.

Meer...

top

2. Kinderen, jongeren en mensenrechten
Kinderrechten worden beschermd door een brede waaier van instrumenten, die zowel mensenrechten als regelgeving in verband met vluchtelingen en humanitair recht omvatten. De algemene mensenrechtenverdragen zijn ook op kinderen van toepassing. Er bestaan bovendien een aantal specifieke verdragen voor deze kwetsbare leeftijdsgroep. De achterliggende gedachte is dat gezonde en kansrijke kinderen bijdragen aan de welvaart van de hele samenleving.

Het overkoepelend raamwerk voor kinderrechten is het Verdrag inzake de Rechten van het Kind dat in 1989 door de Verenigde Naties werd goedgekeurd. Dit was het eerste verdrag dat kinderrechten centraal stelde en een belangrijke stap in de richting van een systeem dat de overheid aansprakelijk stelt wanneer de basisnoden van kinderen niet vervuld worden. Het verdrag beschouwt kinderen als de dragers van rechten en verantwoordelijkheden eigen aan hun leeftijd en niet als het eigendom van hun ouders of de hulpeloze ontvangers van liefdadigheid.

Kinderrechten beslaan de vier belangrijkste aspecten van een kinderleven: het recht om te overleven, het recht om zich te ontwikkelen, het recht om beschermd te worden en het recht om te participeren.
Meer... (een informatiepakket over de rechten van kinderen en jongeren)
top
3. Materialen in de kijker
a) RECHTvaardig, menswaardig (herwerkt)
Dit educatief pakket heeft economische en sociale rechten zoals armoede, voedsel, onderwijs,... als onderwerp. Daarnaast bevat het informatieve teksten en een 20-tal uitgewerkte educatieve werkvormen. Het werd onlangs grondig nagezien en van actuele cijfers voorzien. De herwerkte versie vind je in html-formaat én in pdf-formaat.
Meer info...
b) Video 'Kom NU op' : nog een aantal exemplaren gratis(*) beschikbaar
In 1997 door de Raad van Europa gemaakt, in 2000 door VORMEN van Nederlandse ondertitels voorzien. Een 45 minuten durende video die bij jongeren tussen 14 en 18 jaar het mensenrechtenbewustzijn wil verhogen. Daartoe legt de video de historische ontwikkeling van de mensenrechten uit, en toont hoe jongeren over heel Europa betrokken kunnen zijn bij activiteiten voor de mensenrechten. Begeleidend bij de video is er een educatief pakketje en een brochure, uitsluitend van de website te downloaden (wordt niet verkocht).

De video duurt vrij lang. Bepaalde delen zijn eerder geschikt voor de 3e graad van het ASO. Andere fragmenten zijn voor een bredere groep geschikt. Wij hebben nog een aantal exemplaren van de video beschikbaar. Een dvd-versie is er niet, en wordt ook niet gepland.
Meer info...
(*) Te betalen: onkosten voor verzending en voor factuur (indien gewenst).

top

4. Familiekwesties. Een stellingenspel. (lager onderwijs)
Het gezin is de plaats bij uitstek waar een aantal kinderrechten (hopelijk) worden waar gemaakt. De familie voorziet in een aantal basisbehoeften, maar geeft ook invulling aan cultuur, geloof, privacy, verzorging, vrije tijd, je naam, ... Elke familie doet dit op eigen wijze en heeft zijn eigen gewoonten, afspraken, rituelen,...
In dit stellingenspel geven we veel kansen om uit te wisselen hoe het er thuis aan toe gaat. Al spelend kunnen kinderen ontdekken dat er soms heel andere gewoonten of afspraken gelden en dat het bij anderen soms net zo is als bij jezelf. Als dit met respect voor ieders eigenheid gebeurt, kan er meer begrip groeien en kunnen inzichten verruimd worden.

Doel
Elkaar beter leren kennen en begrijpen; kennis maken met de vele verschillende of net dezelfde gewoonten en gebruiken die er in verschillende families gangbaar zijn. Kinderen zullen ook merken dat ze naargelang de stelling met wisselende kinderen aan dezelfde kant staan.

Benodigdheden
  • een lijst met stellingen (zie verder)
  • een open ruimte
Werkwijze
Deel 1.
Je maakt een ruimte vrij waarin de kinderen zich makkelijk kunnen verplaatsen.
Je neemt zelf plaats in het midden, aan de kant. Je leest telkens één stelling voor. De kinderen gaan dan aan die kant van het lokaal staan die het best past bij hun eigen thuissituatie: ‘ja, in mijn familie is dat zo’ aan de ene kant van het lokaal; ‘neen , in mijn familie is dat niet zo’ aan de andere kant van het lokaal.
Nadat iedereen positie heeft ingenomen, laat je enkele kinderen aan het woord om te vertellen waarom ze precies daar staan, om wat concreter uit te leggen hoe het er in hun familie aan toe gaat wat het onderwerp van de stelling betreft. Kinderen mogen ook op elkaar reageren of vragen stellen, er kan zelfs een discussie ontstaan.
Bewaak wel het gesprek zeer goed, dat iedereen luistert en dat er met respect voor elkaar gereageerd wordt. Kinderen die twijfelen, die resoluut kiezen voor één kant of die nog wisselen van kant geven je een mooie aanleiding om te vragen waarom ze zo reageerden. Je kan dan makkelijk vragen naar concrete voorbeelden of wat ze er zelf van vinden.
Blijf niet te lang bij dezelfde stelling hangen. Je kan beter wat sneller een nieuwe stelling lanceren. Als de aandacht verslapt of als je reeds een behoorlijke reeks stellingen aan bod liet komen, breek het spel dan af.

Deel 2.
a. Na al die interactie geef je de kinderen even de tijd om tot rust te komen en al die informatie te verwerken. Ze gaan aan een tafel zitten en nemen een blaadje papier en iets om te schrijven. Laat het blaadje papier in 2 verdelen. Aan de ene kant schrijven ze ‘gelijkenissen’, aan de andere kant ‘verschillen’. Geef hen nu de tijd om na te denken over wat ze zojuist beleefd hebben. Ze schrijven enkele opvallende, verrassende of onverwachte zaken op waarin hun familie verschilt van en/of gelijkt op andere families.
b. Op de achterkant van het blaadje schrijven ze een eigenschap uit een andere familie die ze graag ook in de eigen familie zouden hebben.
c. In een kringgesprek achteraf focus je op het recht op een eigen identiteit en op het respectvol omgaan met diversiteit. Om te beginnen mag iedereen één gelijkenis of verschil naar voor brengen.
Enkele vragen die kunnen helpen om verder op het thema in te gaan:
  • Ontdekken we meer gelijkenissen dan wel verschillen tussen de families?
  • Vind je het leuk/niet leuk om anders te zijn dan de anderen?
  • Vind je het leuk om in je familie gelijkend te zijn aan anderen?
  • Waarom wel? Waarom niet?
  • Welke eigenschap van een andere familie zou jij ook graag in jouw familie hebben?
  • Welke regel(s) in je eigen of een andere familie zou jij later zeker ook toepassen in je eigen gezin?
  • Ben je al eens uitgelachen of uitgesloten door anderen omwille van een gewoonte in je familie? Hoe voelde je je toen?
  • Heb je zelf al eens iets onaardigs gezegd of gedaan tegen iemand omwille van een familiegewoonte? Wat vind je nu van je gedrag toen?
  • Wat betekent volgens jou de uitspraak: ‘Als het er in alle families op dezelfde manier zou toegaan, zou de wereld veel armer zijn.’?
Enkele mogelijke stellingen, ter inspiratie, en aan te passen aan je publiek:
  • Ik moet op een vast uur gaan slapen/ik heb geen vast uur voor het slapengaan.
  • Ik bepaal zelf wanneer ik naar bed ga/mijn ouders zeggen wanneer ik naar bed moet.
  • Ik ga slapen voor/na … uur
  • Op vrije dagen mag ik zo lang ik wil in mijn bed blijven liggen.
  • Mijn ouders verwachten dat ik thuis met huishoudelijke klusjes help zoals de tafel dekken, wassen, de tuin onderhouden,…
  • Ik ruim altijd zelf mijn speelgoed of mijn kamer op.
  • Ik heb een kamer voor mij alleen.
  • Ik heb een TV of een computer op mijn kamer.
  • Ik mag zelf kiezen hoe lang ik TV kijk.
  • Mijn ouders bepalen naar welk programma er gekeken wordt op TV.
  • Als het nieuws is op radio of TV, moet iedereen stil zijn.
  • Samen eten is in onze familie erg belangrijk. Voor iedereen er is, mogen we niet beginnen.
  • Na het avondeten blijven we vaak nog een hele tijd gezellig praten. De belevenissen van de dag worden verteld of moppen en verhalen.
  • We gaan regelmatig op bezoek bij familie. Ik moet dan altijd mee.
  • Mijn ouders vragen mijn ideeën voor een uitstapje met het gezin of voor een vakantiebestemming.
  • Bij ons liggen er altijd wel ergens snoepjes of koekjes. Als je zin hebt, mag je er eentje nemen.
  • We eten dagelijks minstens één warme maaltijd, die zelf gekookt werd.
  • Ik mag soms meehelpen met het koken.
  • Bij ons lijkt het wel de zoete inval: bijna elke dag komt er wel iemand langs voor een babbeltje of een bezoekje.
  • Ik ben regelmatig alleen thuis.
  • Ik kies zelf de kleren die ik aandoe.
  • Mijn moeder koopt al mijn kleren voor mij. Ik mag zelf niets kiezen in de winkel.
  • Voor het eten hebben we vaste dagen, zoals bijvoorbeeld frietjes op woensdag en pistolets op zondag.
  • Mijn familie is godsdienstig: we bidden regelmatig of gaan naar een eredienst.
  • Wij wonen in een buurt waar nog veel andere mensen dichtbij wonen.
  • Ik woon in een buurt waar nog veel natuur is.
  • Ik speel soms buiten (op straat of speelpleintje,…) met kinderen uit de buurt.
  • Wij gaan geregeld naar de bibliotheek.
  • Bij ons komt er elke dag een krant in huis.
  • Ik heb een sportieve familie: de meeste doen een vorm van sport.
  • Bij ons thuis mag er niet (binnen) gerookt worden.
  • Wij hebben al eens een groot familiefeest gehad met alle neven, nichten, nonkels en tantes enz.
  • Ik heb een leuk contact met neven en nichten.
  • Wij spelen thuis regelmatig gezelschapsspelletjes.
  • In onze familie is muziek belangrijk. Er zijn muzikanten, zangers of dansers.
  • Al mijn ouders en grootouders leven nog.
  • Wij hebben meer dan drie huisdieren.

top

5. Werken rond het thema 'Beeldvorming'

a. Werkvormen  op de website van VORMEN
  • Vooringenomen media. Waarnemen dat niet alle culturen, verschillend van de onze, een sociaal negatief beeld krijgen opgeplakt. De rol van de massamedia analyseren in het creëren en ontwikkelen van stereotypen en sociale vooroordelen (fase A: 2,5 uur; fase B:1 week; fase C: 2,5 uur).
  • Wat zie je?  Hoe worden beelden in de pers gebruikt en misbruikt om stereotypen te bestendigen en om emotionele reacties te bekomen. Hoe gaat men daar kritische mee om? (± 45 min.)
  • Eerste indrukken: Onze eerste indrukken over mensen vergelijken met die van anderen. Bestuderen hoe onze vroegere ervaringen onze eerste indrukken beïnvloeden. Ons meer bewust worden van hoe onze indrukken ons gedrag t.o.v. anderen beïnvloeden. (± 30 min.)
  • Eurorail à la carte: De stereotypen en vooroordelen van elke deelnemer over andere mensen en over minderheden blootleggen. Nadenken over het beeld dat de verschillende deelnemers hebben van de minderheden. Zelfbewustzijn creëren over de grenzen van verdraagzaamheid. De verschillende waarden en stereotypen van de deelnemers met elkaar confronteren. (± 90 min - 2 uur)
  • Antonio en Ali:  Het beeld onderzoeken dat we hebben van mensen uit andere culturen, sociale groepen, en zo verder.  Ons ervan bewust worden hoe deze beelden onze verwachtingen beïnvloeden ten opzichte van mensen die tot andere groepen behoren.
  • Portretten: De basis van discriminatie identificeren en analyseren.
  • Het maken van het nieuws: Dezelfde gebeurtenissen kunnen door verschillende mensen anders geïnterpreteerd worden. Ervaren hoe je een gebeurtenis kan verslaan en hoe reportages de werkelijkheid kunnen verdraaien. Tegelijkertijd leidt dit tot bewustwording over hoe  ook de eigen percepties van de werkelijkheid vervormd kunnen zijn.  (± 90 min.)
  • Spelletjes met beeldmateriaal: Allerlei oefeningen met beeldmateriaal die aantonen hoe sterk beelden voor interpretatie vatbaar zijn en hoe gekleurd “de werkelijkheid” daardoor soms wordt.
  • Voorpagina: Nadenken over de media en hun benadering van de problematiek van de mensenrechten.

b) Ander educatief materiaal

  • Beeldvorming over migranten (pdf). Lessenpakket met tekstmateriaal en opdrachten waarin een aantal thema’s over migranten en media behandeld worden. Centrum voor Mondiaal Onderwijs - CMO
  • ‘Van Algebra tot pyjama’. Tentoonstelling over het rijke culturele goed dat wij westerlingen van de Arabieren hebben geërfd en over beeldvorming t.a.v. Arabieren en hun cultuur. Jeugd en Vrede
  • Beeldvorming en werkelijkheid. Vaardigheidstraining voor docenten in de basisvorming van het voortgezet onderwijs en bestaat uit een videoband en een handleiding (48 p.). Centraal uitgangspunt is het aanbieden van methoden en technieken om leerlingen bewust te maken van de wijze waarop landen in het Zuiden in de media worden weergegeven.
  • Gekleurde Werkelijkheid - Dit lespakket heeft als doel leerlingen bewust te maken van de rol die de media spelen bij de beeldvorming ten aanzien van verschillende groepen en dat zij stereotypen kunnen herkennen en beoordelen. Video + werkmap. 

c) Beeldmateriaal

  • Kortfilm (8 min.) ‘De vrouw in de tram’. In openbare plaatsen, op tram en bus voelen mensen zich nogal eens snel geïrriteerd door vreemde snuiters. De grens tussen onverdraagzaamheid en racisme vervaagt naarmate men zich in zijn gedrag gesterkt waant door het eigen volk. Maar het loopt soms anders af dan men zich voorgesteld had. www.bevrijdingsfilms.be   Praktische wenken
  • Documentaire (23 min.) ‘Black on white’ ’Black on White’ bestaat uit acht videoclips die de opvattingen vertolken van enkele Afrikanen over Westerlingen/ Europa/ Europeanen. Het is ongewoon deze meningen te horen. Afrikanen vertellen niet vaak aan Westerlingen wat zij werkelijk van hen denken, omdat de machtsrelatie gewoonlijk ongelijk is. www.bevrijdingsfilms.be  Praktische wenken

top

6. Projecten: Water. 2 'Waterweken' en een Mondiale Dag

De komende tijd willen wij in onze nieuwsbrief informatie opnemen over projecten op school rond een mensenrechten- of burgerschapsthema, en waar mogelijk ook nuttige materialen ter beschikking stellen. Je kan ons hierin meehelpen door ons nuttige informatie te bezorgen die je met collega's in andere scholen wilt delen. Mail ons...
Als eerste project beschrijven we hier een project rond het thema 'Water'.

Eerste Waterweek
Tijdens de eerste Waterweek lanceert de school het thema via een waterquiz in alle klassen, aan de hand van een PowerPoint presentatie en met een grote verscheidenheid aan meerkeuzevragen. Die zijn zowel prikkelend, ludiek als informerend. Een verschillende versie voor de eerste, tweede en derde graad. Tijdens die week passen de leerkrachten een of meerdere lessen aan het thema aan. Ze kunnen hiervoor een beroep doen op het lesmateriaal dat de Werkgroep Water hiervoor, netjes per vak geordend, in de leraarskamer ter beschikking had gesteld. Zo schrijven de leerlingen in de lessen Nederlands en Engels gedichten over water, Wiskunde zet het waterverbruik om in schema’s en grafieken, Sociaal Technische Vorming onderzoekt het waterverbruik in de school, Plastische Opvoeding creëert waterlandschappen, Project Algemene Vakken bekijkt het waterverbruik van de school en de watervervuiling en bestudeert de tsunami-ramp in Zuid-Oost-Azië.
Tweede Waterweek
Water in het kader van ontwikkelingssamenwerking, dat thema komt aan bod tijdens de tweede Waterweek. Directe medewerkers van waterprojecten in het Zuiden, in Nicaragua en Tanzania, stellen lopende waterprojecten voor en geven een duidelijk beeld van hoe water het leven van de mensen in het Zuiden bepaalt, en hoe ontwikkelingsprojecten de levenssituatie van die mensen verbeteren. Die inbreng motiveert de school voor de zwemmarathon die enkele weken later, op de mondiale dag, de afsluiter is van het project.
Mondiale dag
De zwemmarathon en enkele ludieke workshops zijn de ingrediënten van de mondiale dag. Het accent ligt op een enthousiaste beleving, met een duidelijke knipoog naar de informatie die eerder aan bod kwam. De marathon, waarvoor de leerlingen zich vooraf door familie en vrienden lieten sponsoren, moet geld opbrengen voor de twee geselecteerde waterprojecten: een waterputproject in Managua (Nicaragua) en een waterproject van Vredeseilanden in Tanzania. In groepen zwemmen de leerlingen afwisselend, gedurende 35 minuten, zoveel mogelijk lengtes bij elkaar. Daarnaast nemen ze deel aan 'verwaterde' workshops als waterdans, regendans, canvas-art, handgeschept papier, batikken, ‘water and flowers’, haarverwennerij, eco-percussie, watertherapie, waterhapjes, waterproefjes, vlotten bouwen, watergedichten, waterzoektocht, waterganzenbord… Een olievatenconcert met onder andere eigen watercomposities sluit de mondiale dag af.
Meer info over dit project, inclusief downloadbare PowerPoint quizzen...

top

7. Een mensenrechtenklimaat op school

In de school doe je niet enkel aan mensenrechteneducatie door het in lesactiviteiten en projecten over mensenrechten te hebben. Het mensenrechtenklimaat in de school en in de klas maakt wezenlijk deel uit van de opvoeding tot mensenrechten en burgerschap, en kan die zowel positief als negatief beïnvloeden. Wat een mensenrechtenklimaat dan wel betekent wordt in diverse documenten van de Verenigde Naties en van andere instanties gespecificeerd. We probeerden dit samen te vatten en in niet al te onleesbare taal om te zetten. In deze tekst gaat het enkel over het mensenrechtenklimaat op schoolniveau, en niet over dat op klasniveau, wat we in een afzonderlijke tekst willen behandelen.

Maar we willen deze tekst ook aan u voorleggen, en uw opmerkingen en suggesties vragen. Deze kunnen ons helpen om de tekst verder bij te schaven. Uw e-mails (met als onderwerp ‘mensenrechtenklimaat’) zijn welkom bij VORMEN (mensenrechteneducatie@vormen.org ).

Onze school ademt een mensenrechtensfeer uit, want…

Onderwijs in onze school is meer dan kennisoverdracht alleen, want…

  • onderwijs verstrekken betekent voor ons veel meer dan leren lezen, rekenen en schrijven, maar ook de jongeren wapenen met andere competenties voor een volwaardig leven;
  • onze school bekommert zich zowel om de sociale en emotionele als om de verstandelijke ontwikkeling en creëert daarvoor een veilige omgeving;
  • we stimuleren de jongeren om hun persoonlijkheid, talenten en fysieke bekwaamheden ten volle te ontwikkelen;
  • we bereiden het kind voor op een verantwoordelijk leven in de samenleving;
  • wij voeden echt op tot vrede en tolerantie, tot gelijkheid van de geslachten, en tot openheid voor en verbondenheid met mensen van verschillende etnische achtergrond, nationaliteit of godsdienst;
  • wij hanteren onderwijsmethodes die de inbreng, het initiatief en het inzicht van de leerlingen ernstig nemen.

In onze school leren kinderen en jongeren over kinderrechten en mensenrechten, want…

  • we brengen onze leerlingen besef van en respect voor de mensenrechten bij; we besteden daarbij aandacht aan hun eigen rechten zowel als aan de rechten van anderen, in de eigen omgeving zowel als wereldwijd;
  • wij maken onze leerlingen bewust van de nood aan universele mensenrechten en van de noodzaak om ze te beschermen;
  • wij bevorderen bij hen houdingen (respect, solidariteit, verantwoordelijkheid,...) die de mensenrechtenwaarden weerspiegelen;
  • wij doen aan mensenrechteneducatie voor leerlingen van alle leeftijden, op een manier die aangepast is aan hun leeftijd en eigenheid.

Onze school handhaaft de discipline op een kinderrechtenvriendelijke manier, want…

  • niemand wordt op een vernederende manier behandeld of bestraft;
  • de straffen zijn niet irrelevant of oneerlijk en het straffen gebeurt op een onpartijdige manier;
  • conflicten lossen wij op een niet-gewelddadige manier op;
  • er wordt van de leerlingen niet verwacht dat ze de regels blind naleven, maar dat ze de regels begrijpen en het nut ervan inzien;
  • bij het bestraffen van ongepast gedrag trachten wij ook te remediëren en niet louter repressief op te treden.

Inspraak en democratische besluitvorming zijn voor onze school geen taboe, want…

  • iedere betrokken partij wordt gehoord en iedereen heeft de kans om deel te nemen aan de democratische besluitvormingsprocessen; dat geldt ook voor de leerlingen, minstens voor alle zaken die hen aanbelangen;
  • iedereen kan uitkomen voor zijn of haar overtuigingen en ideeën;
  • er wordt geluisterd naar de leerkrachten;
  • de samenwerking en onderlinge uitwisseling van ervaringen tussen leerkrachten wordt aangemoedigd;
  • ouders voelen zich niet buitengesloten en worden actief bij het schoolgebeuren betrokken;
  • ouderparticipatie wordt aangemoedigd;
  • er wordt geluisterd naar de meningen en suggesties van de leerlingen;
  • leerlingenparticipatie wordt aangemoedigd door middel van schoolraden en dergelijke;
  • leerlingen kunnen hun inbreng doen in het vastleggen van het schoolreglement.

In onze school is iedereen gelijk, want…

  • op onze school wordt door de leerkrachten niemand gediscrimineerd op basis van sociale achtergrond, kledij, manier van leven of op een andere basis, en worden ook leerlingen gestimuleerd om niet te discrimineren;
  • wij zorgen ervoor dat iedere leerling aan de schoolactiviteiten kan deelnemen en van alle voorzieningen gebruik kan maken;
  • aan geen enkele leerling wordt de toegang tot de school geweigerd op basis van zijn of haar ras, religieuze, etnische of sociale afkomst.

Wij zien diversiteit als een rijkdom voor onze school, want…

  • wij maken onze leerlingen en leerkrachten bewust van diversiteit binnen de samenleving, zoals verschillen op het vlak van seksualiteit, godsdienst, gender, taal, ras en sociale achtergrond;
  • wij bevorderen het respect ten opzichte van deze verschillen;
  • wij trachten de integratie te bevorderen door zo inclusief mogelijk aan leerlingen met een fysische, mentale of sociale beperking onderwijs aan te bieden en onze wekwijzen aan te passen zodat zij volwaardig kunnen deelnemen;
  • wij tonen respect voor de cultuur, taal en afkomst van de leerlingen en diens familie;
  • wij houden rekening met leerlingen die omwille van fysische, psychische, sociale, culturele of andere factoren minder kansen hebben gehad om zich te ontwikkelen.

Wij dragen zorg voor de leefomstandigheden van de volgende generaties, want…

  • we brengen respect voor de natuurlijke omgeving bij;
  • als school handelen we zelf waar mogelijk volgens de principes van duurzaamheid, door gebruik te maken van duurzame materialen en door op een milieuvriendelijke manier met materialen, energie en de natuur om te gaan;
  • de school houdt bij haar aankopen rekening met het ideeëngoed van eerlijke handel t.a.v. ‘het Zuiden’;
  • de leerlingen worden milieubewust gemaakt en aangemoedigd om zich in te zetten voor het leefmilieu.

Kinderrechten zijn expliciet in het schoolbeleid verankerd, want…

  • mensenrechten en kinderrechten worden expliciet opgenomen in beleidsverklaringen zoals het pedagogisch project en de teksten over visie en missie van de school, en zijn in het schoolwerkplan geconcretiseerd;
  • wij voeren een kinderrechtenvriendelijk beleid inzake drugs;
  • wij voeren een beleid inzake het hanteren van conflicten, en inzake geweld, seksueel misbuik en pestgedrag;
  • wij voeren een beleid van non-discriminatie voor iedereen in de school;
  • we hebben een gedragscode die de privacy respecteert;
  • onze regels voorzien in het recht op verdediging bij bestraffing;
  • er is duidelijkheid over de verschillende opdrachten en verantwoordelijkheden van leerlingen en leerkrachten;
  • de school moedigt leerkrachten aan om zich bij te scholen in mensenrechteneducatie en kinderrechteneducatie en ondersteunt hen ook in het concreet toepassen ervan, onder andere door te zorgen voor de nodige materialen en middelen.

Voor onze school zijn mensenrechten en kinderrechten niet alleen woorden maar ook daden door…

  • de principes en waarden effectief toe te passen binnen de school;
  • daarnaast ook aandacht te hebben voor de toepassing ervan in de bredere samenleving, op de raakvlakken met de school en ook daarbuiten;
  • zich op geëigende manieren voor de mensenrechten in te zetten.

top

8. Ons educatief materiaal: een overzicht

2981 pagina's educatief en informatief materiaal hebben wij tot nu toe geproduceerd. Een overzicht van het educatief materiaal vind je op deze webpagina. Voor het informatief materiaal vind je het overzicht hier...

top

9. Aankondigingen

a) Vormingscyclus ‘Kinderrechten voor de praktijk”. Thema: Kinderrechten en ouderlijke verantwoordelijkheid

Naar jaarlijkse gewoonte organiseert het Centrum voor de Rechten van het Kind ook dit najaar een vormingscyclus omtrent kinderrechten. De cyclus van dit jaar heeft als titel: ‘Kinderrechten en ouderlijke verantwoordelijkheid?’. Het doel van deze vormingscyclus is de focus van de rol van de ouders als ‘opvoedingsverantwoordelijken’ binnen het kinderrechtendebat te plaatsen en genuanceerd te benaderen.

De vormingscyclus vindt plaats op vrijdag 6 oktober, vrijdag 13 oktober, vrijdag 20 oktober, vrijdag 27 oktober en vrijdag 10 november telkens van 12.15 tot 16 uur in de Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen, H. Dunantlaan 2, 9000 Gent.

Meer informatie...

b) International Interdisciplinary Course on Children's Rights. Gent Novotel, 27 november – 2 december 2006 *

International Interdisciplinary Course on Children’s rights,

De International Interdisciplinary Course on Children's Rights is een gespecialiseerde cursus die dieper ingaat op het concept kinderrechten en is gebaseerd op empirische, praktische en academische kennis die werd verzameld in dit domein. De cursus biedt een combinatie aan van lezingen door nationale en internationale experten in het domein van de kinderrechten. Ook werkgroepen en informele sessies worden geprogrammeerd.

Meer informatie...

c) Seminaries van de Auschwitz Stichting; cyclus 2006-2007

Het Studie- en Documentatiecentrum van de Auschwitz Stichting organiseert een vormingscyclus voor leerkrachten uit het secundair onderwijs. Deze cyclus omvat vier seminaries, waarin uiteenlopende thema’s betreffende de nazimisdaden en genocides worden uitgewerkt. Ten einde een meer diepgaande discussie mogelijk te maken worden de begeleidende teksten vooraf aan de ingeschreven leerkrachten opgestuurd.

Meer informatie...

top