Startpagina VORMEN vzw | Startpagina RECHT-vaardig | Vorige | Volgende | Overzicht workshops | Inhoudstafel

RECHT-vaardig, menswaardig: Reis rond de analfabete wereld


Niveau 2 tot 4
Doelstellingen
  • Weten hoeveel analfabeten er ongeveer zijn in de wereld en in welke gebieden analfabetisme vooral voorkomt.
  • Weten welke vormen van analfabetisme er zijn.
  • Weten wie de belangrijkste slachtoffers zijn van analfabetisme.
  • De oorzaken en gevolgen kennen van analfabetisme.
  • De problematiek van analfabetisme in verband kunnen brengen met armoede en economische en sociale rechten.
Onderwerpen en rechten
  • Recht op onderwijs
  • Analfabetisme: analfabetisme in de wereld, verschillende vormen, oorzaken en gevolgen, …
Tijdsduur/timing

1 uur

Materiaal
  • Turnzaal met alle turntoestellen die beschikbaar zijn
  • Grote enveloppen (max. 24, afhankelijk van het aantal groepjes)
  • Opdrachten kopieëren voor alle groepjes en in enveloppen steken
  • Informatiefiches kopiëren op stevig papier en uitknippen, voor alle groepjes
  • Bal voor tienbal
  • Pennen voor de groepjes
Groepsgrootte

Max. 20 deelnemers.
Minstens twee begeleiders (om opdrachten te controleren en de reis rond de wereld in goede banen te leiden.)

Korte omschrijving

De deelnemers gaan op reis. Zij maken een reis rond de wereld en komen in elk continent een aantal hindernissen tegen. Bij deze grenzen of hindernissen moeten ze een opdracht vervullen. Na elke hindernis krijgen ze een stukje informatie over analfabetisme. De bedoeling van het spel is dat de deelnemers alle werelddelen bezocht hebben en zoveel mogelijk informatiefiches verzameld hebben. De informatie die ze verzameld hebben, zal hen namelijk heel wat verder brengen in de quiz.

Voorbereiding

De turnzaal klaarzetten voor ‘de reis rond de wereld’:

  • Alle toestellen die beschikbaar zijn in de turnzaal worden zo opgesteld dat de deelnemers zich van het ene toestel naar het andere kunnen verplaatsen zonder de grond te raken. Indien er niet voldoende toestellen beschikbaar zijn, kan er ook gebruik gemaakt worden van tafels en stoelen die tussen de toestellen geplaatst worden.
  • 6 toestellen (of tafels) stellen een continent voor. Dit wordt aangeduid door de naam van het continent er op te hangen. Kopieer hiervoor de namen van de continenten (bijlage 1) en kleef ze op 6 toestellen, die op een voldoende afstand van elkaar staan. Zorg ervoor dat de continenten logisch liggen ten opzichte van elkaar (op een wereldkaart):
    Noord Amerika Europa
    Azië
    Zuid-Amerika Afrika
    Oceanië
  • Niemand mag tijdens het spel de grond raken, ook niet tijdens de opdrachten. Zorg er dus voor dat alle leden van een groep voldoende plaats hebben op een continent. Als een toetstel niet groot genoeg is voor alle leden van een groep, zet er dan een tafel en/of enkele stoelen bij.
  • Kopieer alle opdrachten (bijlage 2) voor elke groep (aantal afhankelijk van aantal groepen: 3 of 4) en steek elke opdracht in een envelop. Schrijf op elke envelop een letter van een groep zodat de groepen later weten welke envelop ze moeten nemen. Schrijf ook op elke envelop de naam van het continent waarvoor de opdracht bestemd is. Leg de opdrachten bij de continenten. Bij elk continent ligt er dus voor elke groep een envelop met de opdracht die bij het continent hoort. Om het spel spannender te maken, kan je de enveloppen ook op verschillende plaatsen in de buurt van het toestel verstoppen, zodat de groepen eerst naar hun envelop moeten zoeken vooraleer ze aan hun opdracht kunnen beginnen.
  • Kopieer de oplossingen van de opdrachten (terug te vinden in de workshop zelf) voor elke begeleider.
  • Kopieer alle informatiefiches (eventueel op stevig papier) (bijlage 3) voor elke groep en hou deze bij totdat een groep een informatiefiche verdiend heeft.

Verloop


FASE 1: REIS ROND DE WERELD

  • De deelnemers worden ingedeeld in 3 of 4 groepjes. Elke groep krijgt een nummer. Dit nummer moeten ze onthouden om te weten welke envelop met opdracht ze moeten nemen.
  • Elk groepje vertrekt vanuit een andere positie in de turnzaal, op voldoende afstand van elkaar zodat ze elkaar niet in de weg lopen. Maak aan elke groep duidelijk waar deze startpositie is. De groepen beginnen elk hun reis rond de wereld.
  • Alle leden van elk groepje volgen hetzelfde hindernissenparcours zonder een voet op de grond te zetten. De begeleiders houden dit nauwgezet in het oog. Als er iemand van de groep de grond raakt, moet de hele groep terug aan de startpositie beginnen. Als er onderweg al opdrachten vervuld zijn, moeten ze deze natuurlijk niet opnieuw doen.
  • Wanneer een groep aan een werelddeel komt (een toestel met de naam van het werelddeel erop), haalt de groep de opdracht uit de envelop die voor hen bestemd is (overeenkomstig met de nummer van de groep) en lost ze zo snel mogelijk op. Als de opdracht volbracht is, roept de groep een begeleider. De begeleider komt de oplossing controleren en geeft de groep een informatiefiche, die bij het continent hoort, als de opdracht geslaagd is (bijlage 3). Als de opdracht niet geslaagd is, krijgt de groep geen informatiefiche over dat continent en zullen ze de gevolgen daarvan ondervinden in de quiz.
  • Iemand van de groep leest deze informatiefiche voor aan de rest van de groep. Het is de bedoeling dat iedereen deze informatie zo goed mogelijk probeert te onthouden, zodat ze kunnen antwoorden op de quizvragen die later volgen. Vertel erbij dat ze ook goed op details moeten letten in de informatie (zoals cijfers, namen van werelddelen,...)

Overzichtje van de thema’s per continent en de opdrachten:

  • Eerste hindernis Zuid-Amerika - Wat is analfabetisme?
    • In de envelop zit een blad met een korte zin in Maya Hiërogliefen. De bedoeling is dat de groep deze zin ontcijfert en de betekenis van deze hiërogliefen in klanken opschrijft (in Maya-taal).
    • In de envelop zit echter ook een sleutel: enkele bladen met een aantal Maya-hiërogliefen en daarbij de klank of het woord waar het teken naar verwijst.
    • De tekens in de opdracht verwijzen naar de klanken: U BA TI AKOT. (Betekenis: ‘Hij gaat dansen.’). Als de groep deze oplossing gevonden heeft, is de opdracht geslaagd en krijgt de groep een informatiefiche over de betekenis van analfabetisme (informatiefiche 1)

  • Tweede hindernis Afrika - Waar komt analfabetisme voor?:
    • In de envelop zit een blad waarop de letters van 2 Afrikaanse landen door elkaar geschud zijn.
    • De groep zoekt uit om welke 2 landen het gaat.
    • Als de groep het antwoord NIGER en BURKINA FASO geeft, krijgen ze informatiefiche 2 ‘Waar komt analfabetisme vooral voor?’

  • Derde hindernis Europa - Functioneel analfabetisme:
    • Elke groep vult dit formulier volledig in.
    • De begeleider gaat na of alles ingevuld is of er niets is opengelaten en of het ingevulde logisch is (nagaan of de vragen juist begrepen zijn). Je kan hier natuurlijk wel een beetje soepel zijn. Het is hier vooral de bedoeling dat de deelnemers inzien hoe moeilijk het invullen van dat soort formulieren kan zijn.
    • Als dit het geval is, krijgt de groep een informatiefiche over functioneel analfabetisme (informatiefiche 3)

  • Vierde hindernis Oceanië - Digitaal analfabetisme:
    • Bij deze hindernis wordt de logica-opdracht uitgevoerd.
    • Als de groep 4 van de 6 volgende antwoorden gegeven heeft, is de opdracht geslaagd (uitleg hoeft er niet bij): 1) M, 2) 15, 3) 8, 4) 6, 5) 5, 6) 4

1: steeds 3 letters van het alfabet verder, dus M
2: steeds 1 extra optellen bij wat de vorige beurt is opgeteld, dus 10+5=15
3: steeds de vorige twee getallen bij elkaar opgeteld, dus 3+5=8
4: steeds 1 extra aftrekken bij wat de vorige beurt is afgetrokken, dus 11-5=6
5: steeds 2 eraf en dan weer 1 erop, en omdat de laatste beurt 2 eraf was moet er nu weer 1 bij op, dus 4+1=5
6: steeds de wortel van het vorige getal, dus wortel 16 = 4

  • De groep krijgt de informatiefiche over digitaal analfabetisme (informatiefiche 4).
  • Vijfde hindernis Noord-Amerika - Media-analfabetisme:
    • Bij deze hindernis krijgt de groep 5 (beroemde) optische illusies. Laten ze zich beetnemen, of zien ze wat ze moeten zien?
    • Bij elk beeld staat een vraag die beantwoord moet worden.
    • Als de groep de volgende antwoorden geeft, is de opdracht geslaagd en krijgt de groep de informatiefiche over media-analfabetisme (informatiefiche 5):

1. even groot
2.
1 vaas (witte tekening) of 2 gezichten die naar elkaar kijken (zwarte figuren)
3. jonge vrouw en oude vrouw (jonge vrouw: met hoed en pluim, kijkt naar achter, oude vrouw: grote neus, hoofddoek, kijkt naar beneden.)
4.
ja
5.
geen, alleen witte

  • Zesde hindernis Azië – Wie zijn de slachtoffers analfabetisme?

Bij deze hindernis moet de groep even de hulp van een begeleider inroepen. Dit staat vermeld in de opdracht in de envelop. De groep krijgt de volgende opdracht: Kies een andere groep waarmee jullie deze opdracht moeten uitvoeren. De beide groepen vormen 2 teams, één team bestaat zogezegd alleen maar uit mannen (het team dat in Azië is aanbeland en de opdracht heeft) en het andere team bestaat zogezegd alleen uit vrouwen. Het spel dat gespeeld wordt, is VIJF-of-TIENBAL: De mannenploeg moet de bal 5 keer na mekaar naar een ploeggenoot gooien en de vrouwenploeg moet de bal 10 keer na mekaar naar een ploeggenoot gooien. Als de bal tussenin valt of afgepakt wordt door de tegenstanders, begint het tellen van vooraf aan. Als de mannenploeg de bal 5 keer zonder te laten vallen, of zonder ze te laten afnemen, doorgegeven heeft, zijn ze de winnaars. Als de vrouwen dit 10 keer kunnen, zijn zij de winnaars. Als je het spel op die manier uitlegt, zullen er wel reacties komen zoals ‘dit is niet eerlijk...’, negeer deze reacties. Bij het lezen van de informatiefiche "Wie is analfabeet" zal wel duidelijk worden waarom de mannenploeg voordeel gekregen heeft (informatiefiche 6).


FASE 2: QUIZ

  • Alle groepen staan op een lijn op een 5 à 10-tal meter van een muur.
  • Alle informatiefiches worden weggestoken, je kan ze ook ophalen zodat de deelnemers tijdens de quiz niet kunnen spieken.
  • De begeleider staat tegen de muur en leest de quizvragen over analfabetisme één voor één voor.
  • De groep overlegt kort wat het antwoord kan zijn. Als een groep het antwoord weet, loopt één groepslid naar de muur waar de begeleider staat. Degene die als eerste de muur tikt, mag antwoorden. Als het antwoord juist is, verdient de groep een punt.
  • De groep met de meeste punten is de winnaar.
  • Zeg er op voorhand bij dat sommige antwoorden letterlijk in de informatiefiches stonden en dat er bij andere vragen gewoon goed nagedacht moet worden en overlegd moet worden binnen de groepjes.
  • De juiste antwoorden staan tussen haakjes. De antwoorden op de open vragen moeten natuurlijk niet letterlijk hetzelfde zijn als het antwoord tussen haakjes. Laat hier wat ruimte voor interpretatie.
  • Indien geen enkele groep het juiste antwoord gaf, geef je zelf het juiste antwoord, eventueel met een woordje uitleg. Je kan ook vragen naar het verband tussen het onderwerp van een informatiefiche (of van een vraag) en de opdracht die ze tijdens de wereldreis hebben moeten uitvoeren.

Vragen (en antwoorden) QUIZ

FASE 3: NABESPREKING

  • Heb je nu een beter beeld over analfabetisme?
  • Hebben bepaalde aspecten van analfabetisme je verrast? Welke? Waarom?
  • Wat zijn de belangrijkste oorzaken van analfabetisme zowel in het Noorden (functioneel) als in het Zuiden.
  • Wat zijn de belangrijkste gevolgen voor de slachtoffers van analfabetisme?
  • Wat kunnen mogelijke oplossingen zijn? Ken je voorbeelden van projecten die analfabetisme proberen te verminderen?
  • Is een oplossing realistisch, waarom wel, waarom niet?
  • Waarom hangt de problematiek van analfabetisme samen met economische en sociale rechten?
  • Met wat hangt analfabetisme allemaal samen? (oorzaken en gevolgen?) Met welke economische en sociale rechten hangt analfabetisme samen?


Bijlagen
Bijlage 1: Namen van de continenten
Bijlage 2: Opdrachten per werelddeel
Bijlage 3: Informatiefiches
Vragen (en antwoorden) QUIZ

Startpagina VORMEN vzw | Startpagina RECHT-vaardig | Vorige | Volgende | Overzicht workshops | Inhoudstafel