Leefwereld
Opdracht 1: 'mens mens recht'
|
Spel
Het is een variant op het spelletje eend eend ezel.
De spelers krijgen een handicap: b.v. iemand is blind, iemand wordt met de twee benen aan elkaar gebonden, iemands armen worden op de rug bijeen gebonden, iemand moet de linkerhand op de rechterknie houden, iemand moet beide knieën tegen elkaar houden, iemand moet op één been staan/lopen,... De spelleider geeft de kinderen zelf een handicap.
Alle spelers gaan in een (eerder grote) kring staan. Eén speler A loopt rond deze kring terwijl hij/zij een tik geeft op het hoofd van alle spelers. Hij/zij zegt daarbij telkens mens. Op een bepaald moment tikt hij/zij op het hoofd van een andere speler (speler B) en roept recht. Speler B loopt dan meteen achter speler A aan rond de cirkel en probeert hem/haar te tikken voor speler A de plaats in de cirkel ingenomen heeft van speler B. Lukt dit, dan wordt speler B tikker, en mag hij/zij spelers uit de kring benoemen als mens of recht. Lukt dit niet, dan is speler A nog eens tikker.
Variant
2 is te weinig, 3 is te veel:
De spelers gaan per twee achter elkaar staan en vormen zo een kring. Twee andere spelers zijn buiten de kring. Eén van deze spelers loopt rond de kring achter de andere aan om hem/haar te tikken. Wanneer deze laatste achter een duo gaat staan, wordt de voorste persoon van het duo tikker. Wanneer er iemand getikt wordt, wisselen de rollen.
Onderwerp
Recht op onderwijs
Materiaal
Materiaal voor handicaps (blinddoek, touw,
)
Nabespreking
Iedereen mag meespelen met het spel, maar niet iedereen kan meedoen. De personen met een handicap mogen meespelen, maar kunnen niet, of verliezen steeds. Het spel is niet aangepast aan hun handicap. Mensen met een handicap hebben in vele domeinen van het dagelijkse leven niet echt gelijke kansen. Ook in het onderwijs kan een handicap een ernstig nadeel betekenen.