| Thema's |
milieu, globalisering, algemene mensenrechten
|
| Belangrijke datum
22 maart
Wereldwaterdag
22 april
Dag van de Aarde
|
|
| Complexiteit |
niveau 2 |
| Groepsgrootte |
10+
|
| Duur |
30 minuten |
| Overzicht |
In deze denkoefening buigen mensen zich over de relaties in een mondiaal voedselweb. Ze bestuderen:
overzicht de onderlinge afhankelijkheid tussen levende en niet-levende wezens;
de onvermijdelijke impact van alle menselijke activiteiten op het milieu en de gevolgen ervan.
|
| Welke rechten? |
het recht op eigendom
het recht op een gezond leefmilieu
het recht op ontwikkeling
|
| Doelstellingen |
De onderlinge afhankelijkheid tussen levende en niet-levende wezens kennen.
De gevolgen van menselijke activiteit op ecosystemen naar waarde schatten.
Respect ontwikkelen voor de intrinsieke waarde van het leven.
|
| Materiaal |
een bol dun touw of sterke wol
een schaar
|
Deze activiteit bestaat uit 2 delen: Deel 1: Het web maken, Deel 2: Het web vernietigen.
Deel 1
- Vraag de mensen om in een kring te gaan staan.
- Leg uit dat ze een model van het web van het leven gaan weven.
- Jij begint. Hou de bol touw in je hand en noem een groene plant, bijv. een kool.
- Hou het einde van het touw vast en gooi de bol touw naar iemand anders in de kring. Die persoon vangt de bol op en zo is er nu een stuk touw tussen jullie beiden.
- Deze persoon moet nu een dier noemen dat kool eet, een rups bijvoorbeeld. Hij of zij houdt nu het touw vast en gooit de bol verder naar een derde persoon in de kring.
- Deze derde persoon moet dan weer aan een dier bedenken dat rupsen eet, zoals een vogel, of een vogelsoort zoals een lijster. Dan gooit hij/zij de bol weer naar een vierde persoon.
- Speel verder totdat de bol touw heel de kring heen en weer is gegaan en er kris kras een web is ontstaan dat het web van het leven vertegenwoordigt.
Deel 2
- Neem de schaar en vraag de mensen nu specifieke voorbeelden te geven van wat het levensweb beschadigt, zoals autowegen die over landbouwgrond worden aangelegd of overbevissing van kabeljauw.
- Knip bij elk voorbeeld een touw in het web stuk.
Begin met vragen over hoe de mensen zich voelen nu ze zien dat het web vernietigd is en ga dan verder met deze onderwerpen en wat er gedaan moet worden om het milieu te beschermen.
- Wat voelde je toen het web stapsgewijs vernietigd werd?
- Was het gemakkelijk om dieren en planten in verschillende voedselketens te noemen? Hoe goed kennen mensen de geschiedenis van de natuur?
- Wiens verantwoordelijkheid is het om het milieu te beschermen?
- Het evenwicht in de natuur is heel complex en het is niet gemakkelijk om te voorspellen wat de gevolgen op wereldvlak zullen zijn van welke actie ook. Hoe is het dan mogelijk om beslissingen te nemen over het gebruik van de hulpbronnen? Hoe kunnen mensen bijvoorbeeld beslissen om al dan niet een bos te kappen om het land te kunnen gebruiken voor het telen van gewassen?
- Artikel 1 van het Internationale Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele rechten zegt "Alle volken kunnen ter verwezenlijking van hun doeleinden vrijelijk beschikken over hun natuurlijke rijkdommen en hulpbronnen". Betekent dit dat mensen recht hebben om de natuur te gebruiken?
We zijn afhankelijk van onze omgeving om ons te voorzien van voedsel om te eten en van propere lucht om te ademen. Zonder een gezonde natuur zouden we niet kunnen leven, het is een voorwaarde van levensbelang. Hebben we daarom niet bij voorrang de plicht om het milieu te respecteren waardoor onze rechten om er gebruik van te maken worden beperkt? (Zoals we ook de plicht hebben om rechten en vrijheden van anderen te respecteren, iets wat onze eigen rechten als individu beperkt.)
Eindig met een korte brainstorm over succesverhalen rond het milieu. Het is niet allemaal hopeloos! Er zijn over de hele wereld veel mensen actief die ijveren voor een duurzaam milieu voor de volgende generaties.
Elke voedselketen moet huidige of mogelijke relaties voorstellen. Bijvoorbeeld, gras schaap mens. Of plankton walvis. Of plankton haring varken (aan varkens wordt vaak visvoer gegeven) mens tijger!
Denk eraan dat als een dier sterft, bacteriën het lichaam ontbinden en de vrijgekomen mineralen opgenomen worden door andere groene planten. Dus begint de levenscyclus helemaal opnieuw. Miljoenen van deze cyclussen staan in relatie met elkaar en creëren zo het web van het leven. Probeer de mensen te doen denken aan zo veel mogelijk voedselketens. Denk aan voorbeelden uit bossen, wouden, bergen, heideland, moerasgebied, bevloeiingsgebied, rivieren en zeehabitats. Je kan altijd tussenkomen en iets zeggen zoals: "Nu worden de mineralen naar zee gespoeld en worden ze door zeefytoplankton (plantaardig plankton) opgenomen." Of als je van een ecosysteem in zee wil overgaan naar een ecosysteem op het land kan je zeggen dat "de zeemeeuw die de krab heeft opgegeten, nadien het land is ingevlogen om op landbouwgrond te landen waar ze stierf". Als een speler niet op een volgend verband kan komen, kan hij de anderen een suggestie vragen.
Als je in deel 2 het touw doorknipt, knip dan willekeurig in verschillende delen van het web. De eerste knippen zullen niet veel verschil maken dankzij de manier waarop de draden kriskras over elkaar liggen en het web nog min of meer samen houden. Als je echter meer begint te knippen in het web, zal het stap voor stap uiteen vallen en uiteindelijk blijf je over met een hoop draden op de vloer met daarrond een kring mensen die elk een klein, nutteloos eindje touw vasthouden.
In deel 2 van de activiteit zal je moeten voorbereid zijn op enige controversiële antwoorden op de vraag "wat beschadigt er het web?". Vegetariërs bvb, zullen
zeggen dat mensen die vlees eten het web beschadigen. Je moet dit standpunt erkennen en de anderen vragen wat zij hiervan denken. Let er echter op dat je op dit moment geen lang debat op gang brengt; beëindig eerst het spel en keer er dan op terug in de nabespreking en de evaluatie.
Probeer niet meegesleept te worden in de discussie, maar hou het thema van de activiteit in het oog, nl. de invloed van menselijke activiteit op het milieu is.
Het vernietigde web is inderdaad een sterk beeld. Daarom is het ook heel belangrijk dat je tijd overlaat voor de korte brainstorm of discussie over de vooruitgang die gemaakt wordt in de bescherming van het milieu. Je kan ook nadenken over wat er nog meer gedaan kan worden en over wat zij zelf kunnen doen. De mondiale situatie is inderdaad ontmoedigend, maar het is belangrijk dat de mensen zich niet machteloos voelen in verband met wat er te doen staat.
Je kan eventueel de achtergrondinformatie (opm: dit staat nog niet online) doornemen- vooraleer over te gaan tot het stellen van de vragen over de relaties tussen mensenrechten en het milieu. Dit is een goede activiteit om uit te voeren met een klas uit een wetenschappelijke richting.
| Suggesties voor follow-up |
Deze activiteit kan als een opwarmer gebruikt worden voor een debat over mensenrechten en het milieu. Zoals: zou het een goed idee zijn als het recht op milieu een mensenrecht zou zijn, naast de andere mensenrechten? Heeft het milieu meer waarde dan enkel als middel? Kan men aan dieren rechten geven?
Het ontwikkelen van een duurzaam gebruik van bronnen vereist politieke wil, tijd, inspanningen en geld. Denk aan wat alle landen extra zouden kunnen doen door middel van milieueducatie, wetenschappelijk onderzoek en praktische milieubeschermingprogrammas als ze niet zoveel aan bewapening en aan het leger zouden uitgeven. Als de groep deze thema's verder wil uitspitten, kunnen ze de activiteit Geld om te besteden doen.
Doe mee met plaatselijke milieuprojecten. Contacteer Youth and Environment Europe (YEE). YEE is de koepelorganisatie van meer dan veertig regionale en nationale zelfbestuurde jeugdorganisaties die betrokken zijn bij het bestuderen en beschermen van natuur en milieu doorheen Europa.
Leg contact met een plaatselijke milieuorganisatie en vraag naar meer informatie over hoe men een milieuvriendelijke consument kan zijn.
| Verdere informatie |
|
In de natuur is alles verbonden met alles. Alle levende en niet-levende wezens zijn door cycli met elkaar verbonden, bijvoorbeeld de koolstofcyclus en de watercyclus. Voedselketens maken een deel uit van deze cycli. Een voedselketen begint als een groene plant lichtenergie gebruikt van de zon, mineralen uit de aarde en water om zijn eigen voedsel op te bouwen en zich tegelijkertijd energie te verschaffen om te leven en te groeien. Als een groene plant, bijv. een kool, wordt opgegeten, worden de mineralen en de energie die opgeslagen zijn in de bladeren doorgegeven en gebruikt door bijvoorbeeld de rups om te leven en te groeien. Als dan elk dier op zijn beurt wordt opgegeten door een ander dier, worden de mineralen en de energie doorgegeven in de voedselketen. Als het dier aan de top van de voedselketen sterft, vergaat zijn lichaam omdat het dan wordt "opgegeten" door bacteriën. De mineralen die in het lichaam waren opgeslagen, worden weer opgenomen door groene planten en zo begint er weer een nieuwe voedselketen.
|
|