Startpagina VORMEN vzw | Vorige | Inhoudstafel | Volgende | Overzicht activiteiten

KOMPAS: Spelletjes met beeldmateriaal

Een foto zegtmeer dan duizend woorden en de camera liegt niet - of toch wel?


Thema's

algemene mensenrechten, media, discriminatie en xenofobie

Belangrijke datum

21 maart

Wereld poëziedag

Complexiteit niveau 1
Groepsgrootte

om het even

Duur 30 minuten
Overzicht Werken met beeldmateriaal is creatief en prettig. Deze activiteiten zijn een goede inleiding, maar hebben ook een waarde op zich. Zij vestigen de aandacht op:
  • overzicht stereotypes;
  • hoe iedereen de wereld op zijn eigen manier aanschouwt;
  • hoe beelden gebruikt worden om te informeren en te desinformeren.
  • Welke rechten? Dit hangt af van de beelden en de thema’s die je kiest.
    Doelstellingen
  • Opwekken van het besef van het belang van mensenrechten voor het dagelijks leven.
  • Ontwikkelen van ‘visuele geletterdheid’, luistervaardigheid en communicatievaardigheid.
  • Stimuleren van empathie en respect voor de menselijke waardigheid.
  • 1. Wat zie je?

    Materiaal
  • een stel foto’s
  • hard karton, lijm, kleefplastiek (facultatief)
  • bord, grote bladen papier of flip-over, papier en stiften
  • een muurkrant met de artikelen van de UVRM (gekopieerd van de verkorte versie)
  • Voorbereiding
  • Verzamel 25 foto’s van personen in verschillende landen en omgevingen.
  • Plak de foto’s op hard karton en bekleed ze eventueel, ter bescherming, met kleefplastiek.
  • Nummer de foto’s.
  • Instructies
    1. Leg de foto’s uiteen, op tafels verspreid over het lokaal.
    2. Vraag de deelnemers zelfstandig te werken.
    3. Lees één van de artikelen van de UVRM voor en schrijf die op het bord/flip-over.
    4. Vraag de deelnemers de foto’s te bekijken en deze eruit te kiezen die volgens hen het best overeenkomt met het artikel.
    5. Vraag dan de deelnemers om beurt aan te geven welke foto ze gekozen hebben, en waarom.
    6. Neem nota van de foto’s die gekozen werden; schrijf de nummers op het bord.
    7. Herhaal deze oefening vier tot vijfmaal met verschillende artikels
      van de UVRM. (Kies een mengeling van burgerlijke, politieke, sociale en economische rechten.)
    Nabespreking & evaluatie

    Begin met een overzicht van de activiteit zelf en ga dan verder met hetgeen de deelnemers hebben geleerd.

    • Was het moeilijk foto’s te kiezen die de verschillende rechten voorstelden? Hebben deelnemers meerdere foto’s gekozen in de verschillende rondes, of dachten ze dat één of twee foto’s alles vertelden?
    • Hebben verschillende personen dezelfde foto’s in de opeenvolgende rondes gekozen of hadden deelnemers zeer uiteenlopende ideeën over wat met de verschillende rechten overeenkwam? Wat leert dit ons over hoe ieder van ons de wereld bekijkt?
    • Herneem de lijst op de flip-over. Welke foto’s werden het meest gekozen? Wat was er zo bijzonder aan deze foto’s? Waarom werden deze dikwijls gekozen? Was het de grootte of de kleur die het verschil uitmaakte of lag het verschil in hetgeen op de foto stond?
    • Waren er foto’s die gekozen werden als voorstelling van verschillende rechten?
    • Waren er deelnemers die niet akkoord gingen met de interpretatie van een bepaalde foto door iemand anders?
    • Waren er foto’s die nooit gekozen werden? Konden ze toch beschouwd worden als verwijzing naar een mensenrecht? Welk(e)?
    • De deelnemers dienen de reden van hun keuze uit te leggen.
    • Wisten de deelnemers dat zij al de rechten hadden die tijdens deze activiteit werden besproken? Indien niet, welk kenden ze niet?
    • Hoe gebruiken en misbruiken de media beelden? Geef een voorbeeld van een recente gebeurtenis en ga na hoe deze in de dagbladen en de televisie werd weergegeven. Hoe werden de mensenrechten in dit verband voorgesteld?
    Tips voor begeleiders

    Er staat geen beperking op het aantal keren dat een bepaalde foto gekozen kan worden. Een bepaalde foto kan meermaals in één ronde of in verschillende rondes worden gekozen. Met andere woorden, hij kan hetzelfde artikel weergeven voor verscheidene deelnemers of verschillende artikels voor verschillende deelnemers.

    Verwijs naar het hoofdstuk “Hoe KOMPAS te gebruiken” (opm: dit staat nog niet online) voor meer informatie over hoe je je eigen fotoreeks kan samenstellen. Je kan foto’s halen uit tijdschriften, reisbrochures, oude kalenders of postkaarten. Zorg dat er op de foto’s geen tekst voorkomt. Noteer wel het originele onderschrift van elke foto en andere informatie om vragen te kunnen beantwoorden. De foto’s moeten een grote waaier aan dagelijkse activiteiten voorstellen; er dienen beelden van individuen en van groepen bij te zijn, personen van verschillende leeftijden, culturen en met verschillende vaardigheden. Er dienen foto’s te zijn van landelijke en stedelijke omgevingen, van nijverheid en landbouw, personen met verschillende beroeps- en ontspanningsactiviteiten. Probeer de foto’s bij het nummeren niet in een bepaalde volgorde te plaatsen. De nummers dienen alleen om de foto’s gemakkelijk te kunnen identificeren.

    De mate waarin je de deelnemers dient te begeleiden bij het interpreteren van de foto’s zal afhangen van de groep en hun algemene ‘visuele geletterdheid’. Je kan eventueel de activiteit te starten met een gezamenlijke analyse van één of twee van de foto’s. De vragen voorgesteld in “Verdere informatie” hieronder kunnen als leidraad dienen.

    Varianten

    Je kan de deelnemers vragen deze foto uit te kiezen die voor hen het best de idee van mensenrechten weergeeft. Wanneer iedereen gekozen heeft, vraag je hun redenen.

    Suggesties voor follow-up

    Huur of koop (wegwerp)camera’s voor het fotograferen van ‘Plaatjes omtrent mensenrechten’ in je omgeving.
    Beelden komen niet alleen van foto’s; deze ontstaan ook uit toestanden en gebeurtenissen. Laat de groep discriminatie “zien” aan de hand van de activiteit Zet een stap voorwaarts.

    Ideeën voor actie

    Maak een fototentoonstelling van het project 'Plaatjes omtrent mensenrechten'. Of werk enkele ideeën uit voor de posters van de andere beeldspelletjes (zie verder) en gebruik ze voor een tentoonstelling.

    Verdere informatie

    Foto’s ‘lezen’ is een vaardigheid , die aangeleerd en ontwikkeld moet worden. Men spreekt van leesvaardigheid, begripsvaardigheid om de letters van het alfabet en om het geschreven woord te herkennen. Maar dit begrip behelst meer. Het betreft de vaardigheid om de tekst als een geheel te analyseren, te verstaan en te interpreteren. Op ongeveer dezelfde wijze spreken sommigen van ‘visuele geletterdheid’ als de vaardigheid om een beeld te “lezen”. Om een beeld te “lezen” moet je je afvragen wie het gemaakt heeft en waarom dit op deze wijze gebeurde – wat waren de motieven? Je moet ook letten op de impact van een foto en hoe deze je houding tegenover een gegeven beïnvloedt. Je kan jezelf de volgende vragen stellen bij het bekijken van de beelden van Strijders voor mensenrechten.

    Het onderwerp: wie, wat, waar en wanneer?

    • Wie werd gefotografeerd; hoe oud zijn ze, welk is hun geslacht, welvaart of status?
    • Wat leert hun houding en gelaatsuitdrukking mij?
    • Weten ze dat ze gefotografeerd werden? Is er sprake van pose of is hun houding natuurlijk?
    • Hoe ziet de omgeving eruit? Sluit deze aan bij de persoon of staat ze ermee in contrast?
    • Wat doen ze? Is dit normaal of gaat het om iets speciaals?
    • Wat is je algemene indruk over de persoon? Is deze positief of negatief, sympathiek of onverschillig?

    De context

    • Waar werd de foto oorspronkelijk gepubliceerd? In een dagblad, magazine of reisbrochure? Met andere woorden, werd ze gebruikt voor informatie, verkoop of propaganda? Of voor iets anders?
    • Is er een titel of enige andere informatie bij de foto die de boodschap die de fotograaf wenst mede te delen bevestigt?

    Technische gegevens

    • Gaat het om een zwart/wit of kleurenfoto? Beïnvloedt dit voor jou de impact? Zou de foto een grotere impact hebben als hij groter was?
    • Ben je onder de indruk door de hoek van waaruit de foto genomen is?
    • Welke bijzondere effecten werden er gebruikt, zoals gedempt licht of scherpstelling? Waarom?
    • Werd het beeld gemanipuleerd? Liegt de foto? Is het beeld wel dit wat zich voor de fotograaf afspeelde bij het nemen van de foto of werd het geretoucheerd door middel van een computer (bijvoorbeeld om de persoon er beter te doen uitzien?)

    Wie nam de foto?

    • Hoe is de verhouding tussen fotograaf en onderwerp?
    • Staat deze sympathiek tegenover het onderwerp?
    • Is het een betaalde opdracht, of gaat het om een amateurfoto?
    • Waarom wilde de fotograaf de foto nemen? Wat zijn de motieven? Wat wilde hij/zij ons met de foto ‘vertellen’?

    En ten slotte, welke visuele symbolen of stereotypen heb je herkend? Bijvoorbeeld, Martin Luther King die als politiek leider over zijn mensen uitkijkt, of Ngawang Sangdrol als Tibetaanse boer? Waarom hebben de uitgevers van deze handleiding deze foto’s gekozen voor gebruik bij deze activiteit? Welk effect hebben deze beelden op je houding tegenover de afgebeelde persoon? Veranderen zij iets aan je waardering voor de persoon? Hoe? Waarom?

    Bron: Information adapted from “Focus for Change” ( Class, gender and race inequality and the media in an international context.) Focus for Change, 1992. ( 103 London Street, Reading, Berkshire, RGI 4QA, England).

    Bijlagen

    Startpagina VORMEN vzw | Vorige | Inhoudstafel | Volgende | Overzicht activiteiten