| Deelnemersbladen: Speel het spel! |
| De regelaar
Je poogt nieuwe regels voor het spel op te stellen. Dit zijn geen nieuwe regels die je bespreekt en overeenkomt met de spelers je doet dit gewoon naar eigen goeddunken. Natuurlijk zijn deze regels in je eigen voordeel.
De regels die je uitwerkt kunnen belangrijk of onbelangrijk zijn, maar je moet blijven beweren dat je het juist voor hebt en dat dit de regels van het spel zijn.
|
De aanklager
Jij bent diegene die het spel stoort door de anderen ervan te beschuldigen de regels niet in acht te nemen, te veel tijd te nemen als ze aan de beurt zijn, de kaarten niet genoeg te schudden - of wat ook.
Je vindt er werkelijk je plezier in dingen in het honderd te doen lopen. Een klein conflict zou voor jou nog niet zo slecht zijn, daarom tracht je een onschuldige te beschuldigen.
|
De valsspeler
Je speelt altijd vals: door een kaart meer te nemen of meer punten tellen voor jezelf en minder voor de anderen.
Probeer op discrete wijze te beginnen valspelen; wacht even voor je het openlijker en meer uitgesproken doet. Eerst moet je elke beschuldiging ontkennen, maar gaandeweg moet je uitmaken hoe je je rol aanpast, rekening houdend met de gesprekken en beslissingen genomen tijdens het proces van conflictoplossing.
|
De slechte verliezer
Zorg er eerst voor dat je het spel niet wint; speel zeer slecht in elke ronde. Nochtans moet je de rol spelen van iemand die graag wint. Als je niet wint, wees dan een zeer slechte verliezer: je wordt kwaad, zegt en doet dingen (zoals kaarten in het rond gooien of krijsen) die diegenen die wel winnen een slecht gevoel geven.
|
|