Startpagina VORMEN vzw | Vorige | Beginpagina | Inhoudstafel | Volgende

Kindsoldaten en Mensenrechten:

Kindsoldaten aan het woord

“Ik wilde niet gaan maar ze dwongen mij. Ze vermoordden veel vrouwen die weigerden met hen mee te gaan… Als je als jong meisje gevangen wordt genomen, ben je het eigendom van de soldaat die jou meenam.”
(Isatu, ontvoerd op 15-jarige leeftijd, Sierra Leone)

“Ik ken veel jongens van dertien jaar die in het leger zitten… Maar ik denk dat ze het geld nodig hadden om te overleven. Als gewone burgers hebben ze geen wapen en geen eten. Dat is de reden waarom sommigen naar het regeringsleger komen zoals ik.”
(Kindsoldaat, Cambodja)

“Toen ik bij het verzetsleger vocht, was ik voortdurend in de frontlinie. Ik moest landmijnen plaatsen in de gebieden waar de vijand passeerde. We moesten ook gebieden verkennen. Kinderen vallen immers minder op bij de vijand en bij de dorpelingen.”
(Ex-kindsoldaat, Myanmar)

“Als ik moest gaan vechten rookte ik heel veel. Daarom had ik geen schrik. Als je weigerde de drugs te nemen, werd dit ‘technische sabotage’ genoemd en werd je vermoord.”
(Sayo, 14 jaar, beschreef hoe zijn huid opengesneden werd en hoe er cocaïne in de wonden gewreven werd, Sierra Leone)

“Het was verschrikkelijk. Ze zetten alle 15- en 16-jarigen in de frontlinie terwijl het leger zich terugtrok. Ik was daar met 40 andere kinderen. Mijn vrienden lagen verspreid over het terrein als stenen. Ik vocht 24 uur aan een stuk.”
(ex-kindsoldaat, Ethiopië)

“Kinderen zijn goede vechters, omdat ze jong zijn en omdat ze stoer willen doen. Ze denken dat het allemaal een spel is, dus zijn ze nergens bang voor. (...) Ze zijn erg goed in het verwerven van informatie. Je kunt ze over de vijandige linies sturen zonder dat iemand ze verdenkt, omdat ze zo jong zijn.”
(Legercommandant, Democratische Republiek Congo)

“Als ik iemand vermoordde, voelde het alsof ik het niet zelf deed. Ik moest het wel doen omdat de rebellen dreigden dat ze me zouden doden.” (Peter, 12 jaar, Sierra Leone)

“Een jongen probeerde te ontsnappen, maar hij werd gevangengenomen... Nadat zijn handen werden vastgebonden moesten wij, de andere nieuwe gevangenen, hem doden met een stok. Ik kende de jongen van vroeger. Hij kwam uit mijn dorp. Ik weigerde hem te doden maar ze zeiden dat ze mij zouden doodschieten als ik het niet deed. Ze richtten een geweer naar mijn hoofd zodat ik het wel moest doen. De jongen vroeg mij: ‘waarom doe je dat nu?’ Ik zei dat ik geen andere keuze had. Nadat we hem gedood hadden moesten we zijn bloed op onze armen uitsmeren... Daardoor zouden we geen schrik hebben om te sterven. Ik droom nog steeds van de jongen uit mijn dorp die ik gedood heb. In mijn droom spreekt hij me aan en zegt hij dat ik hem voor niets heb gedood. Dan begin ik te huilen...”
(Susan, 16 jaar, ontvoerd door de LRA, Oeganda)

“Als ik de wacht moest houden viel ik soms in slaap. De korporaal sloeg me dan. Hij sloeg me als een hond, alsof ik een beest was en geen mens. Veel jongens pleegden zelfmoord… “
(ex-kindsoldaat, Myanmar – voormalig Birma)

“In Soedan werden we verdeeld onder de mannen en ik werd aan een man gegeven die zojuist zijn vrouw had omgebracht. Ik kreeg geen geweer, maar hielp bij het ontvoeren van dorpelingen en het stelen van hun voedsel. Meisjes die weigerden LRA-vrouw te worden, werden als waarschuwing voor onze ogen vermoord.”
(Concy Abanyan ontvoerd door de LRA in Oeganda, overgebracht naar Soedan)

“In het kamp werden we getraind om met geweren om te gaan. De oren en vingers werden afgesneden van degenen die niet gehoorzaamden. Ik wilde niet moorden maar ze dreigden ermee mij te doden als ik het niet deed.”
(Odur Leko, 14, gerekruteerd op 8-jarige leeftijd, Oeganda)


Startpagina VORMEN vzw | Vorige | Beginpagina | Inhoudstafel | Volgende