Startpagina VORMEN vzw | Vorige | Startpagina Allemaal Anders | Inhoudstabel | Volgende

Overzicht activiteiten Allemaal Anders


Deel A: Kernconcepten en basis voor interculturele vorming

Hoofdstuk 3: Interculturele opvoeding, een positieve benadering van verscheidenheid

Waar komt interculturele opvoeding vandaan?

Interculturele vorming: een sociaal educatief proces

Twee leermethoden: formele en informele interculturele vorming

Werken met jongeren: een continu proces

Referenties voor Hoofdstuk 3

Hoofdstuk 3: Interculturele opvoeding, een positieve benadering van verscheidenheid

Kijken naar:
• de ontdekking van relaties.
• mechanismen en hulpmiddelen.
• de school.
• buiten de school.
• fasen in interculturele processen.
• gebruik van activiteiten.

Waar komt interculturele opvoeding vandaan?

Wij, de auteurs van dit educatief pakket, hebben geprobeerd de termen “multicultureel” en “intercultureel” zo nauwgezet mogelijk te gebruiken. Onze woordkeuze is niet onschuldig; ze is zelfs subversief; we spelen niet met woorden. We willen je ideeën en daden op de proef stellen en we hopen dat jij met de onze hetzelfde doet.

Educatieve antwoorden op de multiculturele samenleving

Zoals we gezien hebben in het eerste hoofdstuk is de snelheid van verandering in onze maatschappij spectaculair toegenomen in de laatste decennia. De ontmoeting van verschillende culturen blijft een van de voornaamste factoren in, en een resultaat van, deze verandering. Tegelijkertijd zijn we beginnen beseffen dat er zelfs binnen dominante culturen mensen zijn die zich niet schikken naar de gebruikelijke normen, en die we catalogeren als subculturen. Tezamen met dit besef is de geleidelijke, zij het woelige, erkenning gekomen dat deze mensen rechten hebben en respect en aanvaarding vragen. Het antwoord van de overheden op al deze veranderingen is gemengd, vaak zelfs binnen hetzelfde land.

Vanaf de jaren ’60 startten sommige landen met speciale onderwijsprogramma’s gericht op kinderen van lang gevestigde minderheden en kinderen van meer recent aangekomen immigranten. Onderwijssystemen werden gebruikt voor uiteenlopende doeleinden, afhankelijk van de politieke en culturele context. Bijvoorbeeld:

• Garanderen dat kinderen van immigranten konden terugkeren naar hun land van herkomst en zonder problemen konden integreren in hun specifieke sociale en educatieve systemen.
• Kinderen van culturele minderheidsgroepen opnemen in de heersende culturele stroming binnen een maatschappij en ze daarbij helemaal te ontdoen van hun eigen culturele identiteit, ook wel gekend als een beleid van assimilatie. Dit zou je kunnen samenvatten door uitbreiding van het oude gezegde “Doe zoals iedereen” naar “Denk, voel, geloof en doe zoals iedereen.”
• Kinderen van culturele minderheidsgroepen helpen om zich aan te passen aan de heersende culturele stroming binnen een maatschappij met het gedeeltelijke behoud van hun eigen culturele identiteit, ook wel gekend als een beleid van integratie. “Doe zoals iedereen; maar kook wat je wil, zolang je de gordijnen maar dichtdoet.”

Het resultaat was een verscheidenheid aan educatieve systemen en methodes, soms in combinatie met elkaar. Maar er waren ernstige problemen verbonden aan zulke streefdoelen en praktijken. Ze waren gebaseerd op de overtuiging dat de heersende culturele stroming binnen de maatschappij impliciet superieur was en deze werd verondersteld onaangetast te blijven door contact met andere culturen. Het was vooral eenrichtingsverkeer: verandering werd enkel van”hen” verwacht. Voeg daarbij het feit dat de overgrote meerderheid van de immigranten niet is “teruggekeerd” naar zijn land van herkomst en we zien dat zulke doelen niet overeenstemmen met de huidige realiteit. En ze hebben weinig gemeen met de doelen van intercultureel onderwijs.

“De ontdekking van anderen is de ontdekking van een relatie, niet van een hindernis” (naar Claude Lévi-Strauss)

Langzaam aan is het beeld van een multiculturele maatschappij geëvolueerd. Het is noch een mozaïek waarin culturen zij aan zij worden geplaatst zonder enig effect op elkaar, noch is het een smeltkroes waarin alles herleid wordt tot de grootste gemene deler. Intercultureel onderwijs stelt werkwijzen voor die de ontdekking van wederzijdse relaties en de ontmanteling van barrières mogelijk maken. Er zijn nauwe verbanden met andere educaties, zoals antiracistische opvoeding, mensenrechteneducatie en ontwikkelingseducatie. Het is dus best mogelijk dat je hier elementen vindt die overeenstemmen met jouw ervaring in andere gebieden. We hebben veel geleerd van de ervaringen opgedaan in het pionierswerk van multiculturele onderwijsdeskundigen.

Maar we verkiezen de term “intercultureel” te gebruiken omdat, zoals Micheline Rey er op wijst, het voorvoegsel “inter” in zijn volledige betekenis noodzakelijkerwijs het volgende impliceert:

• interactie;
• uitwisseling;
• slopen van hindernissen;
• wederkerigheid;
• objectieve solidariteit.

Interculturele vorming: een sociaal educatief proces

Om een maatschappij helemaal intercultureel te laten worden, moet elke sociale groep de mogelijkheid hebben onder dezelfde voorwaarden te leven ongeacht zijn cultuur, zijn levensstijl of zijn herkomst. Dit betekent niet alleen dat we opnieuw moeten nadenken over hoe we omgaan met culturen die anders lijken dan onze eigen cultuur, maar ook hoe we omgaan met minderheden zoals homoseksuelen of gehandicapten die vele vormen van onverdraagzaamheid en discriminatie ondervinden. Vele krachten, sociale, economische en politieke moeten gebundeld worden om een dergelijke maatschappij te bewerkstelligen. Interculturele vorming is één van de vele troeven die we vandaag in handen hebben om ons voordeel te halen uit de geboden kansen der multiculturele gemeenschappen. Het algemene doel van interculturele vorming is het bevoordelen en versterken van de basis van wederkerige relaties tussen verschillende gemeenschappen en culturele meerderheden en minderheden.

Dit doel houdt in:

• Te zien dat verscheidenheid geworteld is in gelijkheid en geen rechtvaardiging voor marginalisering wordt.
• Een inspanning te doen om verschillende culturele identiteiten te erkennen en respect voor minderheden te bevorderen.
• Tegenstrijdige belangen te verzoenen.

Dit algemene doel veronderstelt dat interculturele vorming plaats moet vinden binnen de maatschappij als een geheel. Het is onmogelijk om te dromen van een interculturele maatschappij als alleen gewerkt wordt met één van de betrokken partijen, nl. enkel met minderheden of met meerderheden.

Voor minderheden, speciaal wanneer ze ontstaan zijn door immigratieprocessen, is de eerste behoefte een serie capaciteiten en kennis te ontwikkelen. Zonder de capaciteit om te communiceren in een gemeenschappelijk verstaanbare taal bijvoorbeeld, is het moeilijk of zelfs onmogelijk om in de gemeenschap te overleven. In het geval van meerderheden zijn de eerste behoeften om verder te kunnen kijken dan de aanvaarde normen en om de gebruikelijke manier van denken in twijfel te trekken, vooral de negatieve stereotypen en vooroordelen tegenover minderheden. Het is noodzakelijk voor ons om begrip op te brengen voor de rol van machtsrelaties in de maatschappij en hun effect op interculturele relaties.

De behoeften van meerderheden en minderheden zijn anders, maar houden verband met elkaar.

Deze verschillende behoeften hebben logischerwijze verschillende doelstellingen. In het geval van sociale meerderheden zijn de doelstellingen van interculturele vorming de volgende:

• Het stimuleren van begrip voor de realiteit van een onderling afhankelijke wereld en actie aanmoedigen die coherent is met die realiteit.
• Verder kijken dan negatieve vooroordelen en etnische clichés.
• Het stimuleren van een positieve evaluatie van verschil en verscheidenheid.
• Het zoeken naar en het onderstrepen van overeenkomsten.
• Het doen ontstaan van een positieve houding en gewoonten ten opzichte van mensen van andere gemeenschappen en culturen.
• Het vertalen van de principes van solidariteit en civiele moed in actie.

In het geval van minderheden zijn de doelstellingen van interculturele vorming dezelfde als hierboven vermeld plus leren te leven in de heersende stroom van de maatschappij zonder de eigen culturele identiteit te verliezen.

Jongeren: een essentiële doelgroep voor interculturele vorming.

Alhoewel interculturele vorming moet plaatsvinden in de maatschappij als een geheel, bestaat er maar weinig twijfel over dat interculturele vorming voornamelijk gericht moet zijn op relaties van kinderen en jongeren. We rechtvaardigen deze prioriteit omdat zij in belangrijke mate de toekomstige burgers zijn van interculturele gemeenschappen. Zij zijn ook een belangrijk communicatiekanaal naar volwassenen toe en zij kunnen de ouderen helpen inzien dat bijvoorbeeld verandering noodzakelijk is. Het is eveneens duidelijk dat hier ook belangrijke boodschappen zijn voor volwassenenvorming.

Interculturele vorming voor kinderen en voor jongeren werkt op twee manieren:

• Hen helpen de capaciteit te verwerven om ongelijkheid, onrechtvaardigheid, racisme, stereotypen en vooroordelen te
herkennen.
• Hen de kennis en de capaciteiten te geven die hen zal helpen deze mechanismen uit te dagen en proberen te veranderen om het even wanneer ze deze tegenkomen in de maatschappij.

Een pedagogische benadering is zowel binnen als buiten de school enorm belangrijk.

Twee leermethoden: formele en informele interculturele vorming

Formele interculturele vorming

Formele interculturele vorming houdt academische programma’s en initiatieven in die binnen en vanuit de school ontwikkeld worden.

De school is, na de familie, een voorname manier van socialisering waarbij kinderen niet alleen academisch onderricht krijgen, maar ook veel kunnen leren van hun eigen culturele code. Deze culturele code moet er één zijn die open staat voor andere culturen, godsdiensten en levensstijlen. Daarom heeft elke inspanning om interculturele vorming te introduceren zonder de actieve steun van de school minder resultaat , als ze al niet een volledige mislukking wordt. Het is daarom dat we er sommige ideeën voor deze doelgroep aan hebben toegevoegd, zelfs al is dit educatief pakket voornamelijk voor informele vorming bedoeld.

Interculturele vorming vraagt van de school een belangrijk proces van openheid en vernieuwing, en het bij elkaar passen van de curricula met de realiteit van multiculturele gemeenschappen. Scholen baseren hun werk meer en meer op het principe dat iedereen gelijk is aan elkaar. Nu vraagt interculturele vorming de school bijkomend culturele verschillen tussen individuen te erkennen en te respecteren.

In het algemeen zou de school inspanningen moeten doen om:

• Te proberen gelijke sociale en vormingskansen te creëren voor kinderen van culturele minderheden.
• Bewustzijn van culturele verschillen te creëren als een manier om discriminatie tegen te gaan.
• Cultureel pluralisme in de maatschappij te verdedigen en te ontwikkelen.
• Kinderen te helpen constructief om te gaan met conflicten, door de verschillende belangen te belichten en te zoeken naar gemeenschappelijke doelen.

De rol van de school als een instelling voor interculturele vorming is dubbel: naar culturele minderheden zowel als naar culturele meerderheden toe.

Naar culturele minderheden toe

De rol van de school als een plaats waar kinderen van minderheden welkom zijn en opgenomen worden in de maatschappij is onvervangbaar.

In dit verband dient interculturele vorming programma’s te ontwikkelen om in de basisbehoeften van minderheden te voorzien in het vormen en verwerven van erkenning voor zichzelf in de maatschappij.

Deze programma’s zijn geworteld in de cultuur van de heersende stroming maar staan open voor verandering en zouden kinderen moeten toestaan langzamerhand de culturele code van die cultuur van de heersende stroming te begrijpen en de capaciteiten en de instrumenten te verwerven voor persoonlijke autonomie en zelfvertrouwen binnen die gemeenschap.

Dit laatste aspect zou de hieronder vermelde elementen moeten bevatten:

• Iets weten over je omgeving en de menselijke relaties daarbinnen.
• Begrijpen van de cultuureigen ideeën over tijd .
• Begrijpen van economische relaties, speciaal van diegene waarvan de tewerkstelling en de overleving van de mensen afhangen.
• Kennis over jouw naaste omgeving en over verenigingen buiten de school die jou behulpzaam zouden kunnen zijn.
• Begrijpen van het politieke systeem en hoe het te gebruiken.

Naar culturele meerderheden toe

Kinderen en jongeren van meerderheden moeten leren leven met anderen op een positieve, creatieve manier. Het is noodzakelijk interculturele elementen in de schoolcurricula te laten opnemen die:

• een etnocentrische zienswijze van cultuur of de idee dat het mogelijk zou zijn om een hiërarchie van verschillende culturen te creëren, verwerpen;
• de kenmerken van de verschillende culturen die binnen een specifiek gebied samenwonen, objectief en respectvol in overweging nemen;
• het beeld van de schoolkinderen op de wereld verbreden (dit is vooral belangrijk op plaatsen waar weinig minderheden zijn).

En de school zelf?

Tegelijkertijd is het duidelijk dat de school haar eigen positie moet evalueren. Al te vaak brengt ze over andere groepen en culturen negatieve stereotypen over die ze nog eens versterkt. Er dient een constructieve communicatie te zijn over hoe de school wordt georganiseerd door al diegenen die betrokken zijn in het vormingsproces: leerkrachten, kinderen, ouders, bestuurders, lokale autoriteiten, instellingen. Verschillende cruciale structurele maatregelen moeten uitgevoerd worden om interculturele vorming binnen en rond het klaslokaal te doen werken. Goede wil is niet genoeg en actie is noodzakelijk. Er zijn vele voorbeelden van goede ervaringen doorheen Europa.

Hieronder enkele aanbevelingen:

• Interculturele vorming zou één van de basisbegrippen moeten zijn in de opleiding voor alle leerkrachten. Eén manier om een echte, persoonlijke impact op leerkrachten te hebben is hen te werk te stellen in een andere cultuur, en hen daarbij te helpen om te begrijpen wat er bij henzelf gebeurt. Daarna zouden ze beter uitgerust zijn om hun leerlingen te helpen actieve verdraagzaamheid te ervaren,
• Tekstboeken en ander lesmateriaal moeten herbekeken worden waarbij anderen als het startpunt beschouwd worden, zodat schoolkinderen kunnen leren verschillende standpunten en perspectieven als “normaal” te beschouwen. “Hoe beschrijven geschiedenisboeken van verschillende landen de slag bij Waterloo? Welk land of welke regio in de wereld is in het midden van de kaarten voor de aardrijkskundelessen geplaatst? “

De moeilijkheden die gepaard gaan met het uitvoeren van zulke veranderingen in schoolsystemen zijn verschrikkelijk groot, maar even groot zijn ook de voordelen die eruit voortvloeien. Dit is niet de plaats om verder in te gaan op de argumenten. Indien u hierover meer informatie wenst, consulteer dan het boek van Antonio Perotti, The Case for Intercultural Education, dat een briljant overzicht geeft van ervaringen van de laatste twintig jaar verworven door de Raad van Europa in samenwerking met vormingswerkers.

Informele culturele vorming

De doelstellingen van informele interculturele vorming vallen samen met die van formele interculturele vorming. De verschillen tussen deze twee manieren van interculturele vorming liggen voornamelijk bij de leveranciers ervan en de werkmethodes. Afhankelijk van de educatieve en politieke tradities waarmee men zich identificeert, zou men deze processen in informele vorming als “intercultureel leren” kunnen omschrijven. Dit is een belangrijk punt, want het refereert aan één van de basisprincipes die onze benadering in dit pakket leiden. Wij zien jongeren als het onderwerp van hun eigen studie, waarbij ze zelf ontdekken hoe ze zin moeten geven aan hun wereld en strategieën uittekenen om er vreedzaam in te leven.

Informele opvoeders werken met jongeren in jongerenclubs, in jongerenorganisaties en jeugdverenigingen, in jeugdinformatie- en begeleidingscentra, in vrijetijdsactiviteiten buiten de school; op straat, tijdens internationale jongerenuitwisselingen; in opvangtehuizen voor jongeren en jongere werklozen doorheen het ganse geografische en socio-economische Europese spectrum.

Velen van hen zijn vrijwilligers, die er hun tijd gratis aan besteden omdat ze zulk werk zo belangrijk vinden. Zelfs deze lijst dekt niet het hele spectrum van de betrokkenen in het organiseren van informele jongerenactiviteiten. Inderdaad zijn één van de belangrijkste leveranciers op dit vlak jonge mensen zelf die elkaar vorming geven. [Deze aanpak, gekend als “peer education”, nl. jongeren die elkaar les geven, wordt in groter detail besproken in Domino, een publicatie die ook uitgegeven werd in het kader van de “All different – All equal”-campagne.] Al deze situaties en nog andere verschaffen mogelijkheden voor informele interculturele vorming.

Informele vorming heeft meerdere belangrijke kenmerken die haar onderscheiden van formele vorming:

• Informele vorming is vrijwillig, heeft niet het verplichte karakter van de school dat er soms toe leidt dat leerlingen benaderingen of onderwerpen verwerpen die deel uitmaken van het curriculum.
• Leveranciers van informele vorming moeten grotere inspanningen doen om de interesse van deelnemers te behouden omdat de commerciële wereld heel handig is in het aanbieden van aantrekkelijke alternatieven.
• In informele vorming is er een stevigere band met de deelnemers, en dit maakt de communicatie gemakkelijker (maar soms ook meer stresserend!).
• De inhoud wordt samen met de deelnemers aan hun realiteit en hun behoeften aangepast.
• Er is een vrijere keuze in het stellen van doelen en het aanpassen van deze doelen aan de relevante activiteiten.
• Door de actieve en participatieve methodologie toe te passen bij informele vorming is er een grotere deelname.

Op veel vlakken zou informele vorming natuurlijk niet kunnen bestaan zonder formele vorming en er wordt veel ruimte opengelaten om de combineerbaarheid van de twee te verbeteren. U kan natuurlijk activiteiten van Deel B aanpassen om te gebruiken in scholen, maar we hebben onze energie gestoken in hun gebruik voor informele vorming met jongeren. Hier gaan we verder in op de basis voor deze activiteiten.

Werken met jongeren: een continu proces

Ongeacht hun leeftijd, als mensen geconfronteerd worden met de problemen en uitdagingen van de multiculturele samenleving, mag je niet verwachten dat ze onmiddellijk de stap zetten vanuit onwetendheid naar een kritische houding. Dit kan enkel gebeuren via een intercultureel leerproces, in dit geval informeel. Hierbij is het mogelijk om een brede waaier van activiteiten te ontplooien en om een verscheiden aantal initiatieven te nemen.

Interculturele opvoeding moet het voor jongeren mogelijk maken om de wortels en mechanismen van racisme, onverdraagzaamheid, xenofobie en antisemitisme te ontdekken. Individuele inzichten hierin kunnen tot collectieve actie leiden. Het is aan ons om dit proces te vergemakkelijken. Politieke en economische maatregelen zijn uiteraard eveneens nodig om het plaatje rond te maken. Onderwijs heeft zijn grenzen, maar ook zijn verantwoordelijkheden.

Zoals je kan zien in de bronvermelding op het einde van dit pakket, hebben anderen geprobeerd om de cruciale elementen voor de planning van intercultureel onderwijs te beschrijven. Wij hebben ervoor gekozen om op een vereenvoudigde manier het intercultureel leerproces te vergelijken met een wandelweg. Er zijn verschillende stappen, die tegelijkertijd pijnpunten zijn om aan te werken.

Deze punten zijn:

• Jezelf van buitenaf bekijken.
• De wereld waarin wij leven begrijpen.
• Vertrouwd zijn met andere realiteiten.
• Verscheidenheid positief evalueren.
• Kiezen voor positieve houdingen, waarden en gedragingen.

Je kan ervoor kiezen om bepaalde punten belangrijker te vinden dan andere of om een heel andere weg te nemen. Deze elementen kunnen ook in een verschillende volgorde toegepast worden. Aangezien dit pakket niet 4-dimensioneel opgevat wordt, zullen we deze punten één voor één behandelen, inclusief de invullingen en de ideeën waarmee gewerkt kan worden.

Jezelf van buitenaf bekijken

Bij intercultureel onderwijs is het uitgangspunt: nadenken over onszelf en onze realiteit.

Invulling en ideeën

Onze eigen sociale en culturele realiteit:
• Herbezien wat positief en wat negatief is binnen die werkelijkheid.
• Onze gewoontes, denkpatronen, enzovoort zijn slechts één mogelijke manier om op de wereld te reageren. Er zijn ook andere manieren die beter noch slechter zijn.
• Onze werkelijkheid aan anderen, die er niet mee vertrouwd zijn, uitleggen, kan nuttig zijn om onszelf in een ander perspectief te zien.

Reageren op andere sociale en culturele realiteiten in onze nabijheid:
• Vooroordelen en stereotypen t.o.v. van andere samenlevingen en culturen in onze gemeenschap.
• Waarom duiken die vooroordelen en stereotypen op?
• Waarom zijn sommige van die vooroordelen en stereotypen positief en andere negatief?
• De invloed van die vooroordelen en stereotypen op ons gedrag t.o.v. anderen.

Discriminatie, een arbitrair gegeven:
• Iedereen kan op een gegeven ogenblik gediscrimineerd worden
• Waarom wordt er gediscrimineerd?
• Welke vorm neemt dit aan?

De wereld waarin wij leven begrijpen

Samenlevingen, landen of staten kunnen zich niet ontwikkelen als ze geïsoleerd zijn van andere.

Invulling en ideeën

We leven in een onderling afhankelijke wereld:
• Samenlevingen hebben elkaar nodig.
• Europa is geen planeet! (een slogan van het Noord-Zuid centrum van de Raad Van Europa)

Gedeelde verantwoordelijkheid:
• De krachten die mensen verplichten om hun land te ontvluchten, worden voor een groot deel veroorzaakt door het economisch systeem waarop onze manier van leven gebaseerd is.

Bekend zijn met een andere realiteit

Nogal wat negatieve houdingen tegenover andere culturen, levensstijlen en gemeenschappen hebben hun wortels in ‘de angst voor het onbekende’. Daarom is een essentieel element binnen het intercultureel onderwijs de kennismaking met andere culturen. Niet als een toerist die zich veilig op een afstand houdt, maar op een manier die ons toelaat open te staan voor de risico’s die zo’n ontmoeting en uitwisseling met zich meebrengt. De wil om andere realiteiten dan de onze te begrijpen moet de basis van deze ontmoeting zijn.

Invulling en ideeën

Wat weten we van andere culturen en levensstijlen?
• Hoe hebben we onze informatie over andere culturen, gemeenschappen en landen verkregen?
• Hoeveel van die informatie is ook effectief waar en hoeveel bevooroordeelde ideeën bereiken ons langs verschillende wegen?
• In welke mate moeten we ons sceptisch opstellen tegenover beelden en informatie die ons door de massamedia worden voorgeschoteld?
• Hoe kunnen we te weten komen hoe het werkelijk voelt om in iemand anders zijn schoenen te staan?

Er zijn superieure noch inferieure culturen
• Elke cultuur is het resultaat van een andere werkelijkheid.
• In elke cultuur liggen positieve elementen waarvan we kunnen leren, maar ook negatieve punten waarop we kritiek kunnen hebben. Hoe wegen we dat af?

Verschillend betekent niet slechter, maar anders:

• Welke factoren zorgen ervoor dat verschillen tussen mensen als negatief bestempeld worden?

Verscheidenheid positief evalueren

Op welke basis kunnen we verscheidenheid positief bekijken?

Invulling en ideeën

Onze eigen cultuur is een mix van verscheidenheid:
• De sociale en culturele werkelijkheid waartoe wij behoren is een conglomeraat van verschillen.
• Die verschillen worden niet gezien als onoverkomelijke hindernissen om samen te leven.

De verschillen tussen verscheidene culturen is iets positief:
• De verbanden en relaties tussen verschillende culturen zijn niet alleen verrijkend voor individuen maar ook voor de samenlevingen zelf.
• Elke samenleving en cultuur kan andere gemeenschappen iets bijbrengen.
• Hoe kunnen we leren niet steeds onmiddellijk te oordelen over “vreemde” facetten van andere culturen of van andere levensstijlen?
• Hoe kunnen we leren omgaan met het (tijdelijke) onzekerheidsgevoel dat met deze processen gepaard gaat
• Hoe kunnen we ons voordeel halen uit de enorme kansen die zo’n ontmoetingen ons bieden om op een andere manier naar onszelf te kijken?

Kiezen voor positieve houdingen, waarden en gedragingen

Al deze stappen zijn gebaseerd op het promoten van waarden zoals mensenrechten, erkenning, aanvaarding, actieve tolerantie, respect, vreedzame conflictoplossing en solidariteit.

• Als we solidariteit vragen, dan moeten we, zoals Jean-Marie Bergeret beweert, ook solidariteit tonen. Het is zo’n soort besluit waarnaar we bij intercultureel onderwijs streven. Jongeren zullen enkel zelf hun opvattingen en ideeën veranderen. Wij kunnen dit proces enkel geleidelijk aan vergemakkelijken door hen een brede waaier van uitdagingen aan te bieden.
• Als we ernaar streven om deze houding te promoten, dan zal het makkelijker worden om een positief gedrag naar mensen van andere culturen aan te moedigen. Wel moeten we er ons van bewust zijn dat deze gedragingen en houdingen enkel mogelijk zijn als ze parallel ontwikkeld worden met gaven als eerlijkheid, samenwerking, communicatie, kritisch denken en organisatorisch vermogen.

Eventjes nadenken

Intercultureel onderwijs is geen afgerond programma dat herhaald kan worden zonder voortdurende aanpassingen. In tegendeel, de mogelijkheden voor interculturele activiteiten zijn niet enkel zeer ruim, we moeten onszelf ook voortdurend de vraag stellen wat we aan het doen zijn en waarom. Het is onmogelijk een toverformule te kopen die ons succes garandeert.

Om ons te helpen inzien hoe en waar de begrenzingen van elke informele interculturele educatieve activiteit te plaatsen, zouden we de volgende gegevens indachtig moeten zijn:
• De inhoud en de reikwijdte van de activiteit die we willen organiseren. Er is een Spaans gezegde dat dit prachtig weet te verwoorden: “Met een vislijn kunnen we niet doen alsof we op een olifant jagen.”
• De context waarin we willen werken en de beperkingen die deze ons oplegt. De motivatie van de deelnemers verschilt naargelang de plaats van bijeenkomst en de motivatie voor hun aanwezigheid.
• De mate van bekendheid en de relatie met de jongeren met wie we gaan werken. Als we hen goed kennen en weten dat we op lange termijn kunnen plannen, dat zal dit van invloed zijn op onze doelen. Onze planning zal veranderen als we een eenmalige activiteit willen organiseren voor jongeren die we niet kennen.
• De mate van participatie aan de activiteit. Als de deelnemers zich verantwoordelijk voelen voor het slagen van de activiteit dan zullen de resultaten positiever zijn dan als ze enkel een passieve rol toebedeeld krijgen.

Aan de andere kant moeten we ook rekening houden met ...
• Het feit dat losstaande activiteiten weinig effect hebben. Bij intercultureel onderwijs gaat het om waarden, houdingen en gedrag. Daarom is het wenselijk elke activiteit binnen een meer omvattend geheel te ontwikkelen. Dit betekent echter niet dat we elke begrensde mogelijkheid om interculturele processen te stimuleren, moeten afwijzen. Het is vooral een kwestie van maatwerk.
• De activiteiten moeten aanvangen bij en verwijzen naar de leefwereld van de deelnemers. We streven ernaar positieve houdingen te creëren in onze eigen omgeving en deze omgeving te linken aan de rest van de wereld.

Hoe we elke informele interculturele onderwijsactiviteit zullen aanpakken, zal afhangen van onze concrete mogelijkheden en die van de deelnemers. We hebben deze ideeën en principes gebruikt bij het uitwerken van de activiteiten van deel B, maar we zijn er ons van bewust dat het noch mogelijk, noch logisch is om harde en snelle richtlijnen op te stellen.

Samenvattend kan het een steun zijn om te onthouden dat...
• Beginnend met een actieve en dynamische methodologie…
• werken we procesmatig…
• en door middel van informatie, analyse en kritische reflectie op de realiteit…
• zullen de deelnemers een weg vinden om
• positief met mensen van andere culturen om te gaan in hun dagelijks leven
• en zullen ze strategieën bedenken om deze positieve relaties met mensen van andere culturen om te zetten in individuele en collectieve acties.

Referenties voor Hoofdstuk 3

Equipo Claves/Cruz Roja Juventud (1992):
En un mundo de differencias ... un mundo diferente, Madrid

Bergeret, Jean-Marie(mars 1995):
“A propos d’interculturel/Re: Intercultural Learning” in Multiplier, European Youth Centre, Council of Europe, Strasbourg

Chisholm, Lynne (1995):
“The Council of Europe’s Youth Centre Past, Present and Future: an Interview with Peter Lauritzen” in Circle for Youth Research Co-operation in Europe, The Puzzle of Integration, European Yearbook on Youth Policy and Research, Volume Un, De Gruyter, Berlin/New York

Colectivo AMANI (1994):
Educación Intercultural. Análisis y resolución de conflictos, editorial popular, Madrid

Council of Europe (1995):
DOmino - Manual to use Peer Group Education as a Means to Fight Racism, Xenophobia, Anti-Semitism and Intolerance, Strasbourg

Dublin Travellers Education and Development Group (1994):
Reach Out - Report by the DTEDG on the ‘Poverty 3’ Programme 1990-1994, Pavee Point Publications, Dublin

European Commission (1994):
Community of Learning - Intercultural Education in Europe, Luxembourg

European Commission (1994):
Report on the Education of Migrants’ Children in the European Union, Luxembourg

European Youth Centre (1991):
Intercultural Learning Basic Texts, Training Courses Resource File Volume 3, Strasbourg

Hope, A., Timmel, S. and Hodzi, C. (1985):
Training for Transformation - A Handbook for Community Workers, 3 vols, Mambo Press, Gweru, Zimbabwe

Jones, Crispin and Kimberley, Keith (1986):
Intercultural Education -Concept, Context, Curriculum Practice, Council of Europe, Strasbourg

Office of Multicultural Affairs (1994):
Local Diversity, Global Connections, (2 Volumes), Australian Government Publishing Service, Canberra

Otten, Hendrik and Treuheit, Werner (1994):
Interkulturelles Lernen in Theorie und Praxis, Leske + Budrich, Opladen, 1994

Perotti, Antonio (1994):
Plaidoyer pour l’interculturel/The Case for Intercultural Education, Council of Europe, Strasbourg

Ruffino, Roberto (1995):
“Interview about Intercultural Education” “ in International Christian Youth Exchange, ICYE Handbook - European Youth Exchanges, ICYE, Brussels

Rey, Micheline(1986, reprinted 1992):
Training Teachers in Intercultural Education?,: Les travaux du Conseil de la Coopération culturelle (1977 - 1983), Council of Europe, Strasbourg

Vink, Caroline and Groot, Klaas (1994):
Over en weer: werkboek internationale groepsuitwisselingen in het jongerenwerk, Stichting IVIO/Exis, Lelystad


Startpagina VORMEN vzw | Vorige | Startpagina Allemaal Anders | Inhoudstabel | Volgende

Overzicht activiteiten Allemaal Anders